Wollig schaapje

Dit schattige schaapje is ontworpen door Attic24 en hier met toestemming voor jullie naar het Nederlands vertaald.

Er staan veel Attic24 patronen op deze site, maar bijna allemaal zijn het dekens! Lucy kan echter ook heel leuk andere dingen ontwerpen, zoals hartjes, bloemetjes en dus nu deze schaapjes.

DSC03560crop

Deze kleine schaapjes maken je gegarandeert aan het glimlachen, en dit ras is nog nét iets schattiger.

DSC03577

De schaapjes worden gehaakt met DK garen en een 3,5 mm haaknaald. Elk schaapje is ongeveer 8 cm groot en past in je handpalm. Je kunt elk willekeurig garen gebruiken, leuk voor je restjes! Het voorbeeld is gehaakt met Stylecraft Life DK (75% acryl, 25% wol) in de kleur Natural Nepp.

DSC03576

Dit is wat je nodig hebt om een schaapje te maken:

MATERIALEN

Kleine hoeveelheid DK garen (liefst wol) in cream/grijs/zwarte schaapkleuren

Kleine hoeveelheid DK garen (liefst wol) in twee contrasterende kleuren voor de wollen trui (plus extra kleuren als je nog wilt borduren)

Beetje knuffelvulling

Steekmarkeerder

3,5 mm haaknaald


HET PATROON

Sheep parts

Het schaapje bestaat uit 5 verschillende stukken, als volgt:

  1. Het hoofd, die je op amigurumi wijze maakt, zodat je een 3d-vorm krijgt (foto links)
  2. Twee oren, die naai je aan de zijkant van het hoofd
  3. Het lijf en de poten, die je in heen en weer gaande toeren van stokjes haakt. Het is één platte vorm (foto midden)
  4. De staart, die naai je aan de achterkant van het lijf
  5. De trui, die je net als het lijf in een plat stuk haakt (foto rechts)

Je gebruikt in dit patroon de volgende steken

Halve vaste: steek de naald door de steek, sla de draad om en haal door de steek én het lusje op de naald.

Vaste: steek de naald door de aangegeven steek, sla de draad om en haal een lusje op. Je hebt nu 2 lusjes op de naald. Sla de draad om en haal door beide lusjes heen.

Halfstokje: Sla de draad om, steek de naald door de aangegeven steek, sla de draad om en haal een lusje op. Je hebt nu 3 lusjes op de naald. Sla de draad om en haal door alle 3 de lusjes heen.

2samengehaaktevasten: Steek de naald door de voorste lus van de eerste steek, en direct door de voorste lus van de tweede steek. Sla de draad om en haal een lusje op. Je hebt nu 2 lusjes op de naald. Sla de draad om en haal door beide lusjes heen.

DSC03459

HOOFD

Toer 1: 2 losse, 6 vasten in tweede losse vanaf de haaknaald. Je werkt het hoofd in spiralen, dus je sluit de toeren tussendoor niet. Gebruik een steekmarkeerder (tenzij je in volledige stilte kunt werken en je nooit afgeleid raakt…)

DSC03460

Toer 2: 2 vasten in elke steek, markeer je eerste steek met een steekmarkeerder zodat je weet waar je toer begonnen is. [12 steken]

DSC03461

Toer 3: *2 vasten in eerste steek, vaste in elk van de volgende 3 steken* Herhaal rondom [15 steken]

Toer 4: 1 vaste in elke steek [15 steken]

Toer 5: Herhaal toer 4

Je haakwerk is nu een bolletje.

DSC03464

In toer 6 begin je met minderen… 

DSC03465

…je maakt daarbij van 2 steken 1 steek.

DSC03466

Toer 6: *2samengehaaktevasten, vaste in elk van de volgende 3 steken*

Herhaal tussen ** 3 keer [12 steken]

Toer 7: vaste in elke steek [12 steken]

DSC03467

Nu moet je een klein beetje vulling in het hoofdje doen, zodat het een beetje ovaal wordt. Duw het met een haaknaald een beetje naar binnen, zodat je gewoon verder kunt haken.

DSC03471

Toer 8: *2samengehaaktevasten, vaste in elk van de volgende 2 steken*

Herhaal tussen ** 3 keer [9 steken]

Toer 9: *2samengehaaktevasten, vaste in volgende steek*

Herhaal tussen ** 3 keer [6 steken]

Hecht af, laat een 30 cm lange draad over om te naaien. Het hoofdje lijkt een beetje op een ei, maar maak je geen zorgen. Haal de stopnaald door de overige zes steken en trek het gaatje dicht.

DSC03475

Zet het draadje stevig vast en steek de naald door de midden-achterkant van het hoofd. Je gebruikt deze staart om het hoofd aan het lijf vast te zetten.

Kneed het hoofd in vorm, zodat het meer op een hoofd dan op een ei lijkt.

DSC03476

OREN (Maak er 2)

Toer 1: 4 lossen. Begin  in de tweede losse vanaf de haaknaald: vaste, halfstokje in volgende steek, (vaste, halve vaste) in laatste losse. Hecht af, laat 20 cm draad over om de oren vast te naaien.

DSC03477

Het oortje is behoorlijk klein en kan even een beetje prutsen zijn. Probeer toch gelijkmatig te werken.

DSC03578

STAART

Toer 1: 5 lossen, begin in tweede losse vanaf de haaknaald: 1 vaste in elk van de volgende 4 steken. Hecht af en laat een 20 cm lange draad over om te naaien.

DSC03479

LIJF

Toer 1: 31 lossen. Begin in de tweede losse vanaf de haaknaald en haak in elke losse een vaste. Keer om [30 steken]

Toer 2: 1 losse, vaste in elke steek. Keer om [30 steken]

Toer 3: Herhaal toer 2

Toer 4: 1 losse, vaste in elk van de volgende 27 steken. Laat de laatste 3 steken ongemoeid (zie foto boven). Keer om [27 steken]

DSC03480

Toer 5 : 1 losse, vaste in elk van de volgende 24 steken

DSC03481

Laat de laatste 3 steken ongemoeid (zie foto boven). Keer om [24 steken]

DSC03482

Toer 6: 1 losse, vaste in elke steek. Keer om [24 steken]

Toer 7-12: Herhaal toer 6.

DSC03483

Toer 13: 1 losse, vaste in elke steek, 4 lossen, keer om. [24 steken + 4 lossen]

DSC03484

Let op: De eerste drie steken van toer 14 gaan in de lossen die je gemaakt hebt aan het einde van toer 13. Het kan een beetje prutsen zijn, maar kantel de lossen een beetje naar je toe, dan zie je vanzelf alle individuele lossen. Steek je naald door beide lussen van elke losse om de vasten te maken, net zoals je bij een startlossenketting zou doen. 

DSC03485

Toer 14: Begin in de tweede losse vanaf de haaknaald, 1 vaste in volgende 3 lossen (zie foto boven).

DSC03486

1 vaste in elk van de volgende 24 steken.

DSC03487

4 lossen, keer om. [27 vasten + 4 lossen]

DSC03489

Let op: De eerste drie steken van toer 15 gaan in de laatste lossen van toer 14. 

DSC03490

Toer 15: begin in de tweede losse vanaf de haaknaald, 1 vaste in elk van de 3 lossen, 1 vaste in elk van de volgende 27 steken. Keer om [30]

Toer 16: 1 losse, 1 vaste in elke steek. Keer om [30]

Toer 17: herhaal toer 16. Hecht af.

Het lijfje krult nu waarschijnlijk behoorlijk, dus stoom ‘m even met een strijkijzer op lage stand. Laat het ijzer het haakwerk niet raken!

DICHTMAKEN

DSC03491

Nu naai je de vier benen dicht als volgt: vouw één van de benen dubbel (zie foto boven)….

DSC03492

Gebruik de whip stitch (bovenlangs naaien) om een mooie naad te maken over de hele lengte van het been (zie foto boven). Hecht af.

DSC03497text

Herhaal dit voor de andere drie benen, zorg ervoor dat het vouwen en het naaien allemaal in dezelfde richting gebeurt. Alle naden liggen naar boven (dat is nu de verkeerde kant van het schaap).

Om het schaapje te naaien, vouw je de vorm door midden (zie lijn in bovenstaande foto), en zorg je dat de verkeerde kant naar buiten ligt.

DSC03498

….de beste manier om dit te doen is om het schaapje op tafel te leggen en te zorgen dat je de naden van de benen kunt zien. Pak het lijfje nu bij het midden (zie foto boven).

DSC03499

De gehaakte toeren lopen nu verticaal over het lijfje, met de benen naar beneden en de naden zichtbaar.

DSC03501

Naai de voor en achterkanten van het lijf dicht.

DSC03502

Gebruik de whip stitch om de zijkanten netjes dicht te naaien, begin daarvoor bij de onderkant bij de benen en werk netjes naar de bovenkant.

DSC03504

Nu ziet je schaapje er zo uit. Je ziet de verkeerde kant.

Keer het lijfje nu binnenstebuiten, zodat de goede kant naar je toe ligt.

DSC03506

Vul het lijf op, trek het lijfje een beetje in lijf-vorm. Niet teveel vullen.

DSC03509

De laatste naad maakt het lijfje van het schaap aan de onderkant dicht.

DSC03510

Maak een paar stevige steken tussen de achterpoten…

DSC03511

….gebruik de whip stitch om de beide zijden van het schaapje naar elkaar toe te trekken en de buik dicht te naaien. Zorg ervoor dat je geen vulling meepakt.

DSC03513

Naai een paar stevige steken tussen de voorpoten van het schaap.

DSC03515

De pootjes zouden stijf genoeg moeten zijn om het schaapje te laten staan, slim he?

DSC03517

Naai het staartje aan de ene kant van het schaap vast.

DSC03478

Naai de oren aan de zijkant van het hoofd. Ze steken recht op zij of hangen lichtjes. Ze zitten ongeveer 3 toeren onder het midden (anders lijkt ie meer op een hond!).

DSC03518

Borduur het gezichtje, al is dat niet eenvoudig. Trial en error tot het lukt! Plaats de details vrij laag op het gezichtje, anders lijkt het schaapje op een hondje.

Gebruik dunner garen om te borduren, in donkergrijs of zwart.

Begin met de neus: steek de naald naar de voorkant, beejte naar links van waar je denkt dat de neus zou moeten komen. Steek de naald weer terug, een beetje naar rechts, en steek ‘m er weer uit onder het midden van de neus. Sla de draad om de naald (zie foto boven) en trek de naald erdoorhee, zodat je een V-vormpje krijgt.

DSC03519

…Steek de naald nu weer een beetje naar beneden en vorm de neus.

DSC03520

…Maak daarna twee rechte lijnen om de mond te vormen onder de neus.

DSC03521

De ogen zijn twee kleine verticale steekjes bovenop elkaar, of kleine Franse Knoopjes.

DSC03522

Kleine gezichtjes kunnen moeilijk zijn om goed te krijgen, dus oefen een beetje op een stukje stof. Je kunt heel veel karakter in je schaapjes krijgen door goed te borduren!

DSC03523

Zet het hoofd zo op het schaap dat ie naar de zijkant kijkt (niet naar voren). Je moet het schapengezicht zien als je naar de zijkant van het schaap kijkt. Naai het hoofd stevig vast met de draad die je over hebt gehouden bij het hoofd. Zorg ervoor dat je schaapje naar de zijkant blijft kijken.

DSC03528

Baaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaa!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

Je lieve schaapje ziet er nu toppie uit, maar heeft het nog wat koud…..

TRUI

DSC03532

Gebruik DK garen in je favoriete kleur en een 3,5 mm haaknaald

Toer 1: 21 lossen, begin in de tweede losse vanaf de haaknaald en haak 1 vaste in elke losse. Keer om. [20 steken]

Toer 2: 1 losse, vaste in elke steek. Keer om [20 steken]

Toer 3-12: Herhaal toer 2

DSC03533

Toer 13: 1 losse, vaste in volgende 10 steken, laat de volgende 10 steken ongemoeid. Keer om. [10 steken]

DSC03534

Toer 14: 1 losse, 2samengehaaktevasten over de eerste twee steken…

DSC03535

…1 vaste in elk van de volgende 8 steken. Keer om [9 steken]

DSC03537

Toer 15: 1 losse, vaste in elk van de volgende 7 steken, 2samengehaaktevasten. Keer om [8]

Toer 16: 1 losse, 2samengehaaktevasten, vaste in elk van de volgende 6 steken. Keer om [7]

Toer 17: 1 losse, vaste in elk van de volgende 5 steken, 2samengehaaktevasten. Keer om [6]

Toer 18: 1 losse, 2samengehaaktevasten, vaste in elk van de volgende 4 steken. Keer om [5]

Toer 19: 1 losse, vaste in elk van de volgende 5 steken. Hecht af.

DSC03538

Hecht garen aan in de 11e steek van toer 13 (zie foto boven).

DSC03541

Toer 20: 1 losse, vaste in dezelfde steek, vaste in volgende 9 steken. Keer om. [10 steken]

Toer 21: 1 losse, vaste in elk van de volgende 8 steken, 2samengehaaktevasten. Keer om [9 steken]

Toer 22: 1 losse, 2samengehaaktevasten, vaste in elk van de volgende 7 steken. Keer om [8 steken]

Toer 23: 1 losse, vaste in elk van de volgende 6 steken, 2samengehaaktevasten. Keer om [7 steken]

Toer 24: 1 losse, 2samengehaaktevasten, vaste in elk van de volgende 5 steken. Keer om [6 steken]

Toer 25: 1 losse, vaste in elk van de volgende 4 steken. 2samengehaaktevasten. Keer om. [5 steken]

Toer 26: 1 losse, vaste in elk van de volgende 5 steken. Hecht af. Laat een lange draad voor het naaien over.

 

VASTNAAIEN

DSC03541text

Vouw de trui dubbel (zie foto boven).

DSC03542text

Er zijn twee kleine naadjes dicht te naaien aan de voor en achterkant.

DSC03543

De voornaad is erg kort, slechts 5 steken aan het einde van toeren 20 en 27. Naai vast en hecht stevig af.

DSC03546

Als je de achterkant dichtnaait, begin dan bij de onderkant en naai tot ongeveer 2/3 dicht. Hecht stevig af, laat de bovenkant open voor het staartje.

DSC03547

Keer de wollen trui zo dat de naden aan de binnenkant zitten. Je kunt op dit punt nog wat mooie borduursels toevoegen.

DSC03550

Je kunt ook nog een mooi contrasterend randje aan de onderrand van de trui haken. Je werkt in de uiteindes van de toeren.

Begin: hecht garen aan in de basis van de achternaad, 1 losse, vaste in dezelfde plaats.

Vaste aan het eind van elke toer, werk om de “stam” van de steek. Hou je spanning gelijk, zorg ervoor dat je steken netjes en goed verdeeld zijn, zeker op het punt waar je over de voornaad heen haakt.

DSC03551

Als je weer aan bent gekomen waar je bent begonnen, haak je een onzichtbare afhechting. Werk de draadjes weg.

DSC03555

Je trui past nu op je schaapje. Duw het hoofdje voorzichtig door het gat boven de voornaad. Trek het staartje door het gaatje bij de achternaad.

DSC03557

Trek alles voorzichtig in de goede vorm. aaawwwww zo schattig!

DSC03579

Deze kleine schaapjes kun je snel haken en personaliseren. Maak verschillende truitjes, met leuke versieringen, of zelfs knoopjes en kanten randjes. Of een sjaaltje om de nek? De mogelijkheden zijn eindeloos!

DSC03563

Ik hoop dat je het naar je zin hebt gehad met dit schaapje! Je kunt een eigen kudde maken…


Wat leuk dat je tot hier gekomen bent! Is je Schaapje mooi geworden?

Blij met dit patroon? Deel je foto’s via Facebook of Instagram, dat vind ik écht een cadeautje!

Gun je mij een kopje koffie of een bolletje wol als bedankje? Doe dan een donatie op NL 14 ASNB 07 09 12 71 70 tnv Iris van Meer-Nube of gebruik deze PayPal-donatieknop: