Skip to Content

Sage het Schaap

Sage het Schaap

Sage het Schaap is een haakpatroon van Jess Huff, met toestemming naar het Nederlands vertaald hier op de website. Het schaap kan in twee varianten worden gemaakt, met bobbels en zonder bobbels. Scroll voor de versie zonder bobbels verder naar beneden. Alle andere Nederlandse Jess Huff patronen vind je op deze Jess Huff-pagina.

Sage het Schaap – Bobbel versie

Hoogte: 34,5 cm staand
Niveau: Gemiddeld
Ravelry: Sage the Sheep (Let op, dit betreft het Engelstalige haakpatroon)

Sage is heel zacht en knuffelig, met een schattige schaapachtige glimlach.

Benodigdheden

  • 3,5 mm haaknaald
  • 4,5 mm haaknaald (optioneel)
  • Steekmarkeerders
  • Stopnaald
  • Knuffelvulling
  • Verdwijnende stofmarkeerder (optioneel)

Garen (acryl, gewicht 4) – 312 meter totaal

Opmerkingen

  • Haak alle steken door beide lussen tenzij anders aangegeven.
  • De vasten stukken van dit haakpatroon haak je in één doorgaande spiraal. Gebruik geen halve vaste en losse om een nieuwe toer te beginnen, maar doe de eerste steek van de toer in de eerste steek van de vorige toer.
  • De bobbel stukken van dit haakpatroon sluit je wel. Aan het einde van de toer gebruik je van een halve vaste in de eerste steek van de toer. 1 losse voor je de nieuwe toer begint.
  • Het stekenaantal aan het einde van elke bobbeltoer is exclusief halve vaste/1 losse.
  • Gebruik een steekmarkeerder om bij te houden waar de toer begint en eindigt.
  • Voor de vasten toeren, hou ik ervan om mijn steekmarkeerder in de laatste steek van de toer te maken.
  • Voor bobbel toeren markeer ik juist de eerste én de laatste steek, zodat ik niet per ongeluk in de halve vaste of losse haak.

Stekenuitleg

  • Losse: Sla de draad om en haal door het lusje op de haaknaald.
  • Vaste: Steek de naald onder beide lusjes van de aangegeven steek, sla je de draad om de naald en trek de naald en het draadje terug door de steek. Je hebt nu twee lusjes op je haaknaald. Sla de draad opnieuw om de naald en trek deze door beide lusjes op je haaknaald. Je hebt nu één vaste gemaakt.
  • Bobbel: 4 onafgemaakte stokjes in dezelfde steek, sla dan om en haal door alle 5 lusjes op de haaknaald in één keer.
  • Meerderen: 2 vasten in dezelfde steek
  • Minderen (2samengehaaktevasten): Steek de haaknaald onder alleen de voorste lus van de eerste steek, dan onder alleen de voorste lus van de tweede steek, sla de draad om en haal een lusje op. Je hebt nu 2 lusjes op de haaknaald. Sla de draad om en haal door beide lusjes.
  • Haken in alleen de voorste en achterste lus

Zorgen dat de Bobbels goed “poppen”

Zorg dat je vasten tussen de bobbels goed strak zijn. Trek aan je lopende draad nadat je de vaste hebt gemaakt om dat mogelijk te maken. Het maken van zulke strakke vasten tussen de bobbels zorgt ervoor dat er geen gaatjes komen en dat de bobbels goed “poppen”


Aanbevolen volgorde
Hier zijn de stappen waarin je je schaap kunt maken, op volgorde:

  1. Haak de Oren
  2. Haak het Hoofd
  3. Haak het Lijf
  4. Haak de Armen
  5. Haak de Benen
  6. Haak de Staart
  7. Maak het hoofd aan het lijf
  8. Maak de benen aan het lijf
  9. Maak de armen aan het lijf
  10. Maak de staart aan het lijf

Sage het Schaap – Video CAL

Het kan lastig zijn om dit schaap te maken, vanwege de bobbels. Ik wilde het voor iedereen mogelijk maken, zelfs als je niet veel ervaring met haken hebt. Daarom staat er een ENGELSTALIGE YouTube video crochet-along online: Sage the Sheep video crochet along. Ik laat je daarin helemaal zien hoe je het schaap maakt. Als je ergens vast loopt in dit geschreven patroon, kun je dus gerust de video raadplegen.


Instructies

Oren (maak er 2)

Met tan garen

Toer 1: 6 vasten in magische ring [6]
Toer 2: *vaste, 2 vasten in de volgende vaste* 3 keer [9]
Toer 3: vaste, 2 vasten in de volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 2 keer, vaste [12]
Toer 4: *3 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 3 keer [15]
Toer 5: 2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste, *4 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 2 keer, 2 vasten [18]
Toer 6: *5 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 3 keer [21]
Toer 7-9: vaste in elke steek [21]
Toer 10: *5 vasten, 2samengehaaktevasten* 3 keer [18]
Toer 11: 2 vasten, 2samengehaaktevasten, *4 vasten, 2samengehaaktevasten* 2 keer, 2 vasten [15]
Toer 12: *3 vasten, 2samengehaaktevasten* 3 keer [12]
Toer 13: *vaste, 2samengehaaktevasten* 4 keer [8]

Hecht af en laat een draad van 31 centimeter over. Vouw de bovenkant dubbel en naai dicht met halve vasten, verberg dan de draaduiteindjes. Het oor is nu klaar om aan het hoofd gehaakt te worden in een volgende stap.

Hoofd

Met tan garen

Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek rondom [12]
Toer 3: *vaste, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [18]
Toer 4: vaste, 2 vasten in de volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 5 keer, vaste [24]
Toer 5: *3 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [30]
Toer 6: 2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste, *4 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 5 keer, 2 vasten [36]
Toer 7-8: vaste in elke steek rondom [36]
Toer 9: *5 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [42]
Toer 10-11: vaste in elke steek rondom [42]
Toer 12: 3 vasten, 2 vasten in de volgende vase, *6 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, 3 vasten [48]
Toer 13-14: vaste in elke steek rondom [48]
Toer 15: *7 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [54]


Hoofd: Toer 15 – Markeer de steken voor de ogen

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is crochet-sheep-pattern-tutorial-1-round-14-eyes.jpg

Nu voeg je twee steekmarkeerders toe die later helpen bepalen waar je de ogen moet plaatsen. Plaats de markeerders 18 seken uit elkaar tussen toer 14 en 15 (de laatste twee toeren die je afmaakte). Ik kies de mijne aan de andere kant van toer 15. Je laat die markeerders erin zitten terwijl je toer 16 – 30 haakt. Ik raad je aan om draadjes te gebruiken om de steken te markeren, die zijn vaak makkelijker dan steekmarkeerders om over heen te haken. Gebruik een naald om de draadjes door de steken te krijgen.


Toer 16-17: vaste in elke steek [54]
Wissel naar wit garen & 4,5 mm haaknaald:
Toer 18: halve vaste in elke steek rondom [54]
Wissel terug naar 3,5 mm haaknaald:
Toer 19: ALLEEN IN ACHTERSTE LUSSEN: vaste in elke steek rondom, halve vaste om toer te sluiten [54]
Toer 20: 1 losse, *vaste, bobbel* 27 keer, halve vaste om toer te sluiten [54]
Toer 21: 1 losse, 4 vasten, 2 vasten in volgende vaste, *8 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 5 keer, 4 vasten, halve vaste om toer te sluiten [60]
Toer 22: 1 losse, *vaste, bobbel* 30 keer, halve vaste om toer te sluiten [60]


Hoofd: Toer 22 – Markeer steken voor de Oren

Aan het einde van toer 22 markeer je 4 steken zodat je weet waar je de oren moet toevoegen. Begin met het plaatsen van twee steekmarkeerders precies boven de oogmarkeerders, met 18 steken ertussen. Plaats van nog 2 markeerders, met twee steken tussen de binnenste en buitenste steekmarkeerders, zoals te zien in de foto.


Hoofd: Toer 23 – Haak de oren aan het hoofd

Haak toer 23 zoals normaal tot je bij de eerste steekmarkeerder aan komt. Maak het oor aan het hoofd tot je bij de volgende steekmarkeerder komt. Haak dan 18 normale steken tot je bij de volgende steekmarkeerder aankomt, maak dan het andere oor aan het hoofd vast tot je bij de laatste gemarkeerde steek aan komt. Maak de toer af zoals normaal.

Toer 23: 1 losse, vaste in elke steek rondom, maak de oren vast waar aangegeven, halve vaste om toer te sluiten [60]
Toer 24: 1 losse, *vaste, bobbel* 30 keer, halve vaste om toer te sluiten [60]
Toer 25: 1 losse, vaste in elke steek rondom, halve vaste om toer te sluiten [60]
Toer 26: 1 losse, *vaste, bobbel* 30 keer, halve vaste om toer te sluiten [60]
Toer 27: 1 losse, *3 vasten, 2samengehaaktevasten* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [48]
Toer 28: 1 losse, *vaste, bobbel* 24 keer, halve vaste om toer te sluiten [48]
Toer 29: 1 losse, *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [36]
Toer 30: 1 losse, *vaste, bobbel* 18 keer, halve vaste om toer te sluiten [36]


Vul het hoofd en voeg de veiligheidsogen toe

Maak het hoofd zo’n 3/4 vol met knuffelvulling. Knip draden van ongeveer 60 centimeter af. Maak een dikke grote knoop in één kant en doe het andere einde door je stopnaald heen. Steek de naald door de opening van het hoofd en naai heen en weer tussen de twee plekken waar je de ogen gaat plaatsen (daar waar de draadjes zitten). Trek het strak, dit zorgt voor de “deuken” in het hoofd voor de ogen. Hecht af met een knoop en verstop de draadjes. Steek de veiligheidsoogjes erin en maak de achterkanten er goed op vast.


Toer 31: 1 losse, *vaste, 2samengehaaktevasten* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [24]
Toer 32: 1 losse, *vaste, bobbel* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [24]
Toer 33: 1 losse, *2samengehaaktevasten* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [12]
Toer 34: 1 losse, *vaste, bobbel* 6 keer, halve vaste om toer te sluiten [12]
Vul helemaal op
Toer 35: *2samengehaaktevasten* 6 keer [6]
Knip af en hecht onzichtbaar af.

Voeg een rand toe aan het gezicht

Nu voegen we een rand met vasten toe aan het gezicht, je werkt in de voorste lussen van toer 19 van het hoofd. Dit geeft de illusie dat de wol “bovenop” het schapenvelletje ligt.

Met wit garen:

Toer 1: vaste in elke lus rondom [54]

Eindig met onzichtbaar afhechten, verberg je draadjes.

Lijf

Met wit garen:

Toer 1: 6 vasten in een magische ring, halve vaste in eerste vaste om toer te sluiten [6]
Toer 2: 1 losse, (vaste + bobbel) in elke steek rondom , halve vaste om toer te sluiten [12]
Toer 3: 1 losse, 2 vasten in elke steek rondom, halve vaste om toer te sluiten [24]
Toer 4: 1 losse, *vaste, bobbel* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [24]
Toer 5: 1 losse, *vaste, 2 vasten in volgende vaste* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [36]
Toer 6: 1 losse, *vaste, bobbel* 18 keer, halve vaste om toer te sluiten [36]
Toer 7: 1 losse, vaste, 2 vasten in volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 11 keer, vaste halve vaste om toer te sluiten [48]
Toer 8: 1 losse, *vaste, bobbel* 24 keer, halve vaste om toer te sluiten [48]
Toer 9: 1 losse, *7 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer, halve vaste om toer te sluiten [54]
Toer 10: 1 losse, *vaste, bobbel* 27 keer, halve vaste om toer te sluiten [54]
Toer 11: 1 losse, vaste in elke steek rondom, halve vaste om toer te sluiten [54]
Toer 12: 1 losse, *vaste, bobbel* 27 keer, halve vaste om toer te sluiten [54]
Toer 13: 1 losse, *7 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer, halve vaste om toer te sluiten[48]
Toer 14: 1 losse, *vaste, bobbel* 24 keer, halve vaste om toer te sluiten [48]
Toer 15: 1 losse, vaste in eke steek, halve vaste om toer te sluiten [48]
Toer 16: 1 losse, *vaste, bobbel* 24 keer, halve vaste om toer te sluiten [48]
Toer 17: 1 losse, 3 vasten, 2samengehaaktevasten, *6 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 3 vasten, halve vaste om toer te sluiten [42]
Toer 18: 1 losse, *vaste, bobbel* 21 keer, halve vaste om toer te sluiten [42]
Toer 19: 1 losse, *5 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer, halve vaste om toer te sluiten [36]
Toer 20: 1 losse, *vaste, bobbel* 18 keer, halve vaste om toer te sluiten [36]
Toer 21: 1 losse, 2 vasten, 2samengehaaktevasten, *4 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 2 vasen, halve vaste om toer te sluiten [30]
Toer 22: 1 losse, *vaste, bobbel* 15 keer, halve vaste om toer te sluiten [30]
Toer 23: 1 losse, *3 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer, halve vaste om toer te sluiten [24]
Toer 24: 1 losse, *vaste, bobbel* 12 keer, halve vaste om toer te sluiten [24]
Toer 25: 1 losse, vaste in elke steek rondom, halve vaste om toer te sluiten [24]

Hecht af en laat een lange draad over (ongeveer de lengte van je arm) om te naaien. Vul met knuffelvulling.

Armen (maak er 2)

Met bruin garen

Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek rondom [12]
Toer 3: *vaste, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [18]
Toer 4: vaste, 2 vasten in de volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 5 keer, vaste [24]
Toer 5: alleen in de achterste lussen: vaste in elke steek rondom [24]
Toer 6-7: vaste in elke steek rondom [24]
Wissel naar tan kleur
Toer 8: vaste in elke steek rondom [24]
Toer 9: 11 vasten, 2samengehaaktevasten, 11 vasten [23]
Toer 10: vaste in elke steek rondom [23]
Toer 11: 21 vasten, 2samengehaaktevasten [22]
Toer 12: vaste in elke steek rondom [22]
Toer 13: 10 vasten, 2samengehaaktevasten, 10 vasten [21[
Toer 14: vaste in elke steek rondom [21]
Toer 15: 19 vasten, 2samengehaaktevasten [20]
Toer 16: vaste in elke steek rondom [20]
Toer 17: 9 vasten, 2samengehaaktevasten, 9 vasten p19]
Toer 18: vaste in elke steek rondom [19]
Toer 19: 17 vasten, 2samengehaaktevasten [18]
Toer 20: vaste in elke steek rondom [18]
Toer 21: 8 vasten, 2samengehaaktevasten, 8 vasten [17]
Toer 22: vaste in elke steek rondom [17]
Toer 23: 15 vasten, 2samengehaaktevasten [16]
Toer 24-25: vaste in elke steek rondom [16]
Toer 26: *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 4 keer [12]


Hoe maak je de hoeven? (Geldt voor armen én benen!)

Knip je garen af en laat een draad over van ongeveer 45 centimeter, maar hecht nog niet af. Vul het ledemaat op. In de laatse toer, voeg je zoveel vasten toe als nodig om de kleur wissel voor-en-in-het-midden op het ledemaat te krijgen. Nu trek je je lus door en hecht je af. Vouw de bovenkant dubbel en naai met halve vasten dicht. Knip een draad van ongeveer 45 centimeter van bruin garen af en pak een stopnaald. Doe de stopnaald door de magische ring in het midden van je hoef en dan door de bovenkant van de hoef (boven de laatste toer bruin). Herhaal dit proces een paar keer, trek het garen steeds strak. Als je tevreden bent met hoe het eruit ziet, maak je het begindraad aan het einddraad vast met een stevige knoop en verberg je beide draadjes in het werk.


Benen (maak er 2)

Met bruin garen

Toer 1: 6 vasten in magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek rondom [12]
Toer 3: *vaste, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [18]
Toer 4: vaste, 2 vasten in volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, vaste [24]
Toer 5: *3 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [30]
Toer 6: alleen in achterste lussen: vaste in elke steek rondom [30]
Toer 7-8: vaste in elke steek rondom [30]
Wissel naar tan garen:
Toer 9: vaste in elke steek rondom [30]
Toer 10: 14 vasten, 2samengehaaktevasten, 14 vasten [29]
Toer 11: 27 vasten, 2saengehaaktevasten [28]
Toer 12: 13 vasten, 2samengehaaktevasten, 13 vasten [27]
Toer 13: 25 vasten, 2samengehaaktevasten [26]
Toer 14: 12 vasten, 2samengehaaktevasten, 12 vasten [25]
Toer 15: 23 vasten, 2samengehaaktevasten [24]
Toer 16: 11 vasten, 2samengehaaktevasten, 11 vasten [23]
Toer 17: 21 vasten, 2samengehaaktevasten [22]
Toer 18: 10 vasten, 2samengehaaktevasten, 10 vasten [21]
Toer 19: 19 vasten, 2samengehaaktevasten [20]
Toer 20: 9 vasten, 2samengehaaktevasten, 9 vasten [19]
Toer 21: 17 vasten, 2samengehaaktevasten [18]
Toer 22: *7 vasten, 2samengehaaktevasten* 2 keer [16]
Toer 23: *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 4 keer [12]

Om het been klaar te maken, kijk bij “hoe maak je hoeven” bij de armen.

Staart

Met wit garen:

Toer 1: 5 lossen, 2 vasten in de tweede losse vanaf de haaknaald, 2 vasten, 5 vasten in de laatste losse. Ga verder aan de andere kant van de lossenketting: 2 vasten, 3 vasten in laatste losse [14]
Toer 2: 2 vasten in volgende vaste, 4 vasten, *2 vasten in de volgende vaste* 3 keer, 4 vasten, *2 vasten in de volgende vaste* 2 keer [20]
Toer 3-5: vaste in eke steek [20]
Toer 6: vaste, 2samengehaaktevasten, *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 4 keer, vaste [15]
Toer 7: *vaste, 2samengehaaktevasten* 5 keer [10]
Toer 8: vaste in elke steek [10]

Hecht af en laat een draad van 45 cm over om te naaien. Vul lichtjes op, vouw de bovenkant dubbel en naai met halve vasten dicht.

Volg nu de laatste stappen:

Maak het hoofd aan het lijf
Maak de benen aan het lijf
Maak de armen aan het lijf
Maak de staart aan het lijf

Sage het Schaap – Vasten versie

Hoogte: 34,5 cm staand
Niveau: Gemiddeld
Ravelry: Sage the Sheep (Let op, dit betreft het Engelstalige haakpatroon)

Sage is heel zacht en knuffelig, met een schattige schaapachtige glimlach.

Benodigdheden Schaap Haakpatroon

  • 3,5 mm haaknaald
  • 4,5 mm haaknaald (optioneel)
  • Steekmarkeerders
  • Stopnaald
  • Knuffelvulling
  • Verdwijnende stofmarkeerder (optioneel)

Garen (acryl, gewicht 4) – 312 meter totaal

Opmerkingen Schaap Haakpatroon

  • Haak alle steken door beide lussen tenzij anders aangegeven.
  • De vasten stukken van dit haakpatroon haak je in één doorgaande spiraal. Gebruik geen halve vaste en losse om een nieuwe toer te beginnen, maar doe de eerste steek van de toer in de eerste steek van de vorige toer.
  • Gebruik een steekmarkeerder om bij te houden waar de toer begint en eindigt.
  • Voor de vasten toeren, hou ik ervan om mijn steekmarkeerder in de laatste steek van de toer te maken.

Stekenuitleg Schaap Haakpatroon

  • Losse: Sla de draad om en haal door het lusje op de haaknaald.
  • Vaste: Steek de naald onder beide lusjes van de aangegeven steek, sla je de draad om de naald en trek de naald en het draadje terug door de steek. Je hebt nu twee lusjes op je haaknaald. Sla de draad opnieuw om de naald en trek deze door beide lusjes op je haaknaald. Je hebt nu één vaste gemaakt.
  • Meerderen: 2 vasten in dezelfde steek
  • Minderen: (2samengehaaktevasten): Steek de haaknaald onder alleen de voorste lus van de eerste steek, dan onder alleen de voorste lus van de tweede steek, sla de draad om en haal een lusje op. Je hebt nu 2 lusjes op de haaknaald. Sla de draad om en haal door beide lusjes.
  • Haken in alleen de voorste en achterste lus

Zorgen dat de Bobbels goed “poppen”

Zorg dat je vasten tussen de bobbels goed strak zijn. Trek aan je lopende draad nadat je de vaste hebt gemaakt om dat mogelijk te maken. Het maken van zulke strakke vasten tussen de bobbels zorgt ervoor dat er geen gaatjes komen en dat de bobbels goed “poppen”


Aanbevolen volgorde
Hier zijn de stappen waarin je je schaap kunt maken, op volgorde:

  1. Haak de Oren
  2. Haak het Hoofd
  3. Haak het Lijf
  4. Haak de Armen
  5. Haak de Benen
  6. Haak de Staart
  7. Maak het hoofd aan het lijf
  8. Maak de benen aan het lijf
  9. Maak de armen aan het lijf
  10. Maak de staart aan het lijf


Instructies

Oren (maak er 2)

Met tan garen

Toer 1: 6 vasten in magische ring [6]
Toer 2: *vaste, 2 vasten in de volgende vaste* 3 keer [9]
Toer 3: vaste, 2 vasten in de volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 2 keer, vaste [12]
Toer 4: *3 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 3 keer [15]
Toer 5: 2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste, *4 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 2 keer, 2 vasten [18]
Toer 6: *5 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 3 keer [21]
Toer 7-9: vaste in elke steek [21]
Toer 10: *5 vasten, 2samengehaaktevasten* 3 keer [18]
Toer 11: 2 vasten, 2samengehaaktevasten, *4 vasten, 2samengehaaktevasten* 2 keer, 2 vasten [15]
Toer 12: *3 vasten, 2samengehaaktevasten* 3 keer [12]
Toer 13: *vaste, 2samengehaaktevasten* 4 keer [8]

Hecht af en laat een draad van 31 centimeter over. Vouw de bovenkant dubbel en naai dicht met halve vasten, verberg dan de draaduiteindjes. Het oor is nu klaar om aan het hoofd gehaakt te worden in een volgende stap.

Hoofd

Met tan garen

Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek rondom [12]
Toer 3: *vaste, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [18]
Toer 4: vaste, 2 vasten in de volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 5 keer, vaste [24]
Toer 5: *3 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [30]
Toer 6: 2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste, *4 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 5 keer, 2 vasten [36]
Toer 7-8: vaste in elke steek rondom [36]
Toer 9: *5 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [42]
Toer 10-11: vaste in elke steek rondom [42]
Toer 12: 3 vasten, 2 vasten in de volgende vase, *6 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, 3 vasten [48]
Toer 13-14: vaste in elke steek rondom [48]
Toer 15: *7 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [54]

Hoofd: Toer 15 – Markeer de steken voor de ogen

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is crochet-sheep-pattern-tutorial-1-round-14-eyes.jpg

Nu voeg je twee steekmarkeerders toe die later helpen bepalen waar je de ogen moet plaatsen. Plaats de markeerders 18 seken uit elkaar tussen toer 14 en 15 (de laatste twee toeren die je afmaakte). Ik kies de mijne aan de andere kant van toer 15. Je laat die markeerders erin zitten terwijl je toer 16 – 34 haakt. Ik raad je aan om draadjes te gebruiken om de steken te markeren, die zijn vaak makkelijker dan steekmarkeerders om over heen te haken. Gebruik een naald om de draadjes door de steken te krijgen.

Toer 16-17: vaste in elke steek [54]
Wissel naar wit garen & 4,5 mm haaknaald:
Toer 18: halve vaste in elke steek rondom [54]
Wissel terug naar 3,5 mm haaknaald:
Toer 19: ALLEEN IN ACHTERSTE LUSSEN: vaste in elke steek rondom, halve vaste om toer te sluiten [54]
Toer 20: 4 vasten, 2 vasten in volgende vaste, *8 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, 4 vasten [60]
Toer 21-24: vaste in elke steek rondom [60]

Hoofd: Toer 24 – Markeer de steken voor de oren

Aan het einde van toer 24 markeer je 4 steken zodat je weet waar je de oren moet toevoegen. Begin met het plaatsen van twee steekmarkeerders precies boven de oogmarkeerders, met 18 steken ertussen. Plaats van nog 2 markeerders, met twee steken tussen de binnenste en buitenste steekmarkeerders, zoals te zien in de foto.


Hoofd: Toer 25 – Haak de oren aan het hoofd

Haak toer 25 zoals normaal tot je bij de eerste steekmarkeerder aan komt. Maak het oor aan het hoofd tot je bij de volgende steekmarkeerder komt. Haak dan 18 normale steken tot je bij de volgende steekmarkeerder aankomt, maak dan het andere oor aan het hoofd vast tot je bij de laatste gemarkeerde steek aan komt. Maak de toer af zoals normaal.

Toer 25: vaste in elke steek rondom, maak de oren vast waar aangegeven [60]
Toer 26-29: vaste in elke steek rondom [60]
Toer 30: 4 vasten, 2samengehaaktevasten, *8 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 4 vasten [54]
Toer 31: *7 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer [48]
Toer 32: 3 vasten, 2samengehaaktevasten, *6 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 3 vasten [42]
Toer 33: *5 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer [36]
Toer 34: 2 vasten, 2samengehaaktevasten, *4 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 2 vasten [30]

Vul het hoofd en voeg de veiligheidsogen toe

Maak het hoofd zo’n 3/4 vol met knuffelvulling. Knip draden van ongeveer 60 centimeter af. Maak een dikke grote knoop in één kant en doe het andere einde door je stopnaald heen. Steek de naald door de opening van het hoofd en naai heen en weer tussen de twee plekken waar je de ogen gaat plaatsen (daar waar de draadjes zitten). Trek het strak, dit zorgt voor de “deuken” in het hoofd voor de ogen. Hecht af met een knoop en verstop de draadjes. Steek de veiligheidsoogjes erin en maak de achterkanten er goed op vast.

Toer 35: *3 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer [24]
Toer 36: vaste, 2samengehaaktevasten, *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, vaste [18]
Toer 37: *vaste, 2samengehaaktevasten* 6 keer [12]
Vul helemaal op.
Toer 38: *2samengehaaktevasten* 6 keer [6]

Hecht onzichtbaar af.

Voeg een rand toe aan het gezicht

Nu voegen we een rand met vasten toe aan het gezicht, je werkt in de voorste lussen van toer 19 van het hoofd. Dit geeft de illusie dat de wol “bovenop” het schapenvelletje ligt.

Met wit garen:

Toer 1: vaste in elke lus rondom [54]

Eindig met onzichtbaar afhechten, verberg je draadjes.


Lijf

Met wit garen

Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek rondom [12]
Toer 3: *vaste, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [18]
Toer 4: vaste, 2 vasten in volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, vaste [24]
Toer 5: *3 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [30]
Toer 6: 2 vasten, 2 vasten in volgende vaste, *4 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, 2 vasten [36]
Toer 7: *5 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [42]
Toer 8: 3 vasten, 2 vasten in volgende vaste, *6 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, 3 vasten [48]
Toer 9: *7 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [54]
Toer 10: 4 vasten, 2 vasten in volgende vaste, *8 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, 4 vasten [60]
Toer 11-17: vaste in elke steek rondom [60]
Toer 18: 4 vasten, 2samengehaaktevasten, *8 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 4 vasten [54]
Toer 19: vaste in elke steek rondom [54]
Toer 20: *7 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer [48]
Toer 21: vaste in elke steek rondom [48]
Toer 22: 3 vasten, 2samengehaaktevasten, *6 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 3 vasten [42]
Toer 23-24: vaste in elke steek rondom [42]
Toer 25: *5 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer [36]
Toer 26-27: vaste in elke steek rondom [36]
Toer 28: 2 vasten, 2samengehaaktevasten, *4 vasten, 2samengehaaktevasten* 5 keer, 2 vasten [30]
Toer 29-30: vaste in elke steek rondom [30]
Toer 31: *3 vasten, 2samengehaaktevasten* 6 keer [24]

Hecht af en laat een lange draad over om te naaien, ongeveer de lengte van je arm. Vul op met knuffelvulling.

Armen (maak er 2)

Met bruin garen

Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek rondom [12]
Toer 3: *vaste, 2 vasten in de volgende vaste* 6 keer [18]
Toer 4: vaste, 2 vasten in de volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in de volgende vaste* 5 keer, vaste [24]
Toer 5: alleen in de achterste lussen: vaste in elke steek rondom [24]
Toer 6-7: vaste in elke steek rondom [24]
Wissel naar tan kleur
Toer 8: vaste in elke steek rondom [24]
Toer 9: 11 vasten, 2samengehaaktevasten, 11 vasten [23]
Toer 10: vaste in elke steek rondom [23]
Toer 11: 21 vasten, 2samengehaaktevasten [22]
Toer 12: vaste in elke steek rondom [22]
Toer 13: 10 vasten, 2samengehaaktevasten, 10 vasten [21[
Toer 14: vaste in elke steek rondom [21]
Toer 15: 19 vasten, 2samengehaaktevasten [20]
Toer 16: vaste in elke steek rondom [20]
Toer 17: 9 vasten, 2samengehaaktevasten, 9 vasten p19]
Toer 18: vaste in elke steek rondom [19]
Toer 19: 17 vasten, 2samengehaaktevasten [18]
Toer 20: vaste in elke steek rondom [18]
Toer 21: 8 vasten, 2samengehaaktevasten, 8 vasten [17]
Toer 22: vaste in elke steek rondom [17]
Toer 23: 15 vasten, 2samengehaaktevasten [16]
Toer 24-25: vaste in elke steek rondom [16]
Toer 26: *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 4 keer [12]


Hoe maak je de hoeven? (Geldt voor armen én benen!)

Knip je garen af en laat een draad over van ongeveer 45 centimeter, maar hecht nog niet af. Vul het ledemaat op. In de laatse toer, voeg je zoveel vasten toe als nodig om de kleur wissel voor-en-in-het-midden op het ledemaat te krijgen. Nu trek je je lus door en hecht je af. Vouw de bovenkant dubbel en naai met halve vasten dicht. Knip een draad van ongeveer 45 centimeter van bruin garen af en pak een stopnaald. Doe de stopnaald door de magische ring in het midden van je hoef en dan door de bovenkant van de hoef (boven de laatste toer bruin). Herhaal dit proces een paar keer, trek het garen steeds strak. Als je tevreden bent met hoe het eruit ziet, maak je het begindraad aan het einddraad vast met een stevige knoop en verberg je beide draadjes in het werk.

Benen (maak er 2)

Met bruin garen

Toer 1: 6 vasten in magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek rondom [12]
Toer 3: *vaste, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [18]
Toer 4: vaste, 2 vasten in volgende vaste, *2 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 5 keer, vaste [24]
Toer 5: *3 vasten, 2 vasten in volgende vaste* 6 keer [30]
Toer 6: alleen in achterste lussen: vaste in elke steek rondom [30]
Toer 7-8: vaste in elke steek rondom [30]
Wissel naar tan garen:
Toer 9: vaste in elke steek rondom [30]
Toer 10: 14 vasten, 2samengehaaktevasten, 14 vasten [29]
Toer 11: 27 vasten, 2saengehaaktevasten [28]
Toer 12: 13 vasten, 2samengehaaktevasten, 13 vasten [27]
Toer 13: 25 vasten, 2samengehaaktevasten [26]
Toer 14: 12 vasten, 2samengehaaktevasten, 12 vasten [25]
Toer 15: 23 vasten, 2samengehaaktevasten [24]
Toer 16: 11 vasten, 2samengehaaktevasten, 11 vasten [23]
Toer 17: 21 vasten, 2samengehaaktevasten [22]
Toer 18: 10 vasten, 2samengehaaktevasten, 10 vasten [21]
Toer 19: 19 vasten, 2samengehaaktevasten [20]
Toer 20: 9 vasten, 2samengehaaktevasten, 9 vasten [19]
Toer 21: 17 vasten, 2samengehaaktevasten [18]
Toer 22: *7 vasten, 2samengehaaktevasten* 2 keer [16]
Toer 23: *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 4 keer [12]

Om het been klaar te maken, kijk bij “hoe maak je hoeven” bij de armen.

Staart

Met wit garen:

Toer 1: 5 lossen, 2 vasten in de tweede losse vanaf de haaknaald, 2 vasten, 5 vasten in de laatste losse. Ga verder aan de andere kant van de lossenketting: 2 vasten, 3 vasten in laatste losse [14]
Toer 2: 2 vasten in volgende vaste, 4 vasten, *2 vasten in de volgende vaste* 3 keer, 4 vasten, *2 vasten in de volgende vaste* 2 keer [20]
Toer 3-5: vaste in eke steek [20]
Toer 6: vaste, 2samengehaaktevasten, *2 vasten, 2samengehaaktevasten* 4 keer, vaste [15]
Toer 7: *vaste, 2samengehaaktevasten* 5 keer [10]
Toer 8: vaste in elke steek [10]

Hecht af en laat een draad van 45 cm over om te naaien. Vul lichtjes op, vouw de bovenkant dubbel en naai met halve vasten dicht.

Volg nu de laatste stappen:

Maak het hoofd aan het lijf
Maak de benen aan het lijf
Maak de armen aan het lijf
Maak de staart aan het lijf

Andere Jess Huff Haakpatronen