Beertje Paddington Haken
Haak een kleine beer van ongeveer 10 centimeter groot met dit gratis haakpatroon van Scandistyle Dolls, met toestemming naar het Nederlands vertaald door Een Mooi Gebaar

Materialen
- Garen voor de beer:
- Drops Flora kleur 08 (65% wol, 35% alpaca; 210 meter/50 gram, fingering gewicht garen)
- OF
- Drops Alpaca kleur 607 (100% alpaca; 167 meter/50 gram, fingering gewicht garen)
- Klein beetje wit garen voor de snoet
- Garen voor de outfit:
- Drops Flora kleur 18 en kleur 10 (65% wol, 35% alpaca; 210 meter/50 gram, fingering gewicht garen)
- Haaknaaldmaat 1,5 en 2 mm
- Oogjes om te lijmen 3 mm, of veiligheidsoogjes**
- 2 kleine knoopjes of kraaltjes voor het jasje
- Knuffelvulling
- Schaar
- Stopnaald
- Spelden
- Zwart borduurgaren
**Veiligheidsoogjes worden wel zo genoemd, maar zijn in haakwerk eigenlijk nooit écht veilig te noemen. Je kunt erop kauwen, de gaten in het haakwerk kunnen te groot zijn en de kwaliteit kan per ongeluk beroerd zijn. Geef gehaakt speelgoed met veiligheidsoogjes nooit zonder toezicht aan een kind en als je een knuffeltje cadeau geeft aan een kind onder de drie jaar, borduur dan liever de oogjes.
Stekenuitleg
- Magische ring: moeilijk geschreven uit te leggen, klik hier voor een uitgebreide foto-tutorial.
- Losse: sla de draad om en haal door het lusje op de haaknaald.
- Vaste: steek de naald onder beide lusjes van de aangegeven steek, sla je de draad om de naald en trek de naald en het draadje terug door de steek. Je hebt nu twee lusjes op je haaknaald. Sla de draad opnieuw om de naald en trek deze door beide lusjes op je haaknaald. Je hebt nu één vaste gemaakt.
- Halve vaste: steek de haaknaald in de aangegeven steek of ruimte, sla de draad om en haal door de steek/ruimte én door de lus op de haaknaald.
- 2samengehaaktevasten: Steek de haaknaald onder de voorste lus van de eerste steek en meteen onder de voorste lus van de volgende steek. Sla de draad om en haal een lusje op. Je hebt nu 2 lusjes op de haaknaald. Sla de draad om en haal door beide lusjes.
Haakpatroon Kleine Beer
Benen
Met bruin garen:
Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek [12]
Toer 3: (1 vaste, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [18]
Toer 4-5: vaste in elke steek [18]
Toer 6: 6 x 2samengehaaktevasten, 6 vasten [12]
Toer 7-11: vaste in elke steek [12]
Vul op
Knip draad door, maak een tweede been, maar knip aan het einde niet door.
Haak aan het einde van het tweede been 3 lossen. Let op: de meerderingen in de volgende toer zijn aan de voorkant, op de buik, als dat bij jou niet zo is, maak ze dan na het eerste been en niet na het tweede been zoals het patroon aangeeft.
Lijf
Toer 12: 12 vasten op het eerste been, 3 vasten op de lossenketting, 12 vasten op het tweede been, 2 vasten in de volgende steek, 1 vaste, 2 vasten in de volgende steek [32]
Plaats een markeerder
Toer 13: (7 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 4 [36]
Toer 14-20: vaste in elke steek [36]
Toer 21: (4 vasten, 2samengehaaktevasten) x 6 [30]
Toer 22: vaste in elke steek [30]
Toer 23: (3 vasten, 2samengehaaktevasten) x 6 [24]
Toer 24: (2 vasten, 2samengehaaktevasten) x 6 [18]
Toer 25: (vaste, 2samengehaaktevasten) x 6 [12]
Toer 26: vaste in elke steek [12]
Haak dan tot het midden van de rug, vul de beentjes en het lijf stevig op. We gaan meteen door met het hoofd haken, hecht niet af.
Hoofd
Toer 27: 2 vasten in elke steek rondom [24]
Toer 28: (vaste, 2 vasten in de volgende steek) x 12 [36]
Toer 29-37: vaste in elke steek [36]
Toer 38: (4 vasten, 2samengehaaktevasten) x 6 [30]
Toer 39: (3 vasten, 2samengehaaktevasten) x 6 [24]
(als je veiligheidsoogjes gebruikt, plaats je deze ongeveer ter hoogte van toer 29-30 met ongeveer 7 steken ertussen)
Toer 40: (2 vasten, 2samengehaaktevasten) x 6 [18]
Toer 41: (vaste, 2samengehaaktevasten) x 6 [12]
Toer 42: 2samengehaaktevasten x 6 [6]
Hecht af, borduur door de voorste lussen van de overgebleven 6 steken een cirkeltje, trek dicht, verberg de draad in je werk.
Oren (maak er 2)
Met bruin garen:
Toer 1 6 vasten in een magische ring, losse, keer om
Toer 2: (1 vaste, 2 vasten in de volgende steek) x 3 [9], losse, keer om
Toer 3: vaste in elke steek
Hecht af, laat een lange draad over om mee op het hoofdje te naaien
Armen (maak er 2)
Met bruin garen:
Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek [12]
Toer 3-5: vaste in elke steek [12]
Toer 6: 3 x 2samengehaaktevasten, 6 vasten [9]
Toer 7-13: vaste in elke steek [9]
Vul het onderste stuk van de arm op. Knip de draad door, laat een lange draad over om het armpje aan het lijf te naaien. Vouw de bovenkant van de arm dubbel en naai dicht met een naald
Snoetje
Met wit garen
Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in de volgende steek, 1 vaste, 2 vasten in de volgende steek, 1 vaste, (2 vasten in de volgende steek) x 2 [10]
Toer 3: vaste in elke steek [10]
Hecht af, laat een draad over om aan het hoofdje te naaien.
In elkaar zetten
- Naai de oortjes op de zijkant van het hoofd van Toer 4-9 (tel vanaf de kruin)
- Met zwart borduurgaren borduur je een neus op de witte snoet (zie foto): een verticaal streepje tussen beiden, en naai je de snoet ter hoogte van toer 12-15 op het hoofdje, vul op terwijl je bezig bent.
- Lijm de oogjes tussen toer 11-12 vanaf de kruin (er zitten ongeveer 7 steken tussen de oogjes).
- Naai de armen één toer onder de nek vast.
Outfit van Paddington
Hoed
Met rood garen, haaknaaldmaat 2 mm
Toer 1: 6 vasten in een magische ring [6]
Toer 2: 2 vasten in elke steek [12]
Toer 3: (vaste, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [18]
Toer 4: (2 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [24]
Toer 5: (3 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [30]
Toer 6: haak alleen in de achterste lussen: vaste in elke steek [30]
Toer 7: (4 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [36]
Toer 8: vaste in elke steek [36]
Toer 9: (5 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [42]
Toer 10: (6 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [48]
Toer 11: vaste in elke steek [48]
Toer 12: haak alleen in de voorste lussen: vaste in elke steek [48]
Toer 13: (7 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [54]
Toer 14: vaste in elke steek [54]
Toer 15: (8 vasten, 2 vasten in de volgende steek) x 6 [60], eindig met een halve vaste (of mooier nog, met onzichtbaar afhechten).
Werk de draadjes weg.
Jas
Met blauw garen, haak met haaknaaldmaat 2 mm
Toer 1: maak 27 lossen (de lossen moeten gelijk zijn aan de omtrek van het nekje + 3 a 4 steken aan elke zijde van de lossen om de overslag van de jas te vormen + 1 keerlosse), dan haak je vanaf de tweede losse vanaf de haaknaald: vaste in elke steek [26]
Nu moet je het resultaat in vier stukken opdelen: voorkant, eerste mouw, achterkant, tweede mouw, voorkant + 4 steken voor raglan.
Ik deed het zo: 5 steken (voorkant), raglan (1 steek), 3 steken (de eerste mouw), raglan (1 steek), 6 steken (achterkant), raglan (1 steek), 3 steken (tweede mouw) raglan (1 steek), 5 steken (voorkant)
Om je aantal steken te bepalen, doe je een lossenketting om de nek van het beertje en meet je hoeveel steken je voor de mouw en achterkant nodig hebt. De overige steken gaan naar de voorkant (onthoud de 4 raglan steken). Vergeet ook niet dat het jasje een overslag heeft.
Ik geef je nu een beschrijving van mijn parameters, jij kunt dan de berekeningen doen. Uiteindelijk is het simpel - elke keer dat er een raglan komt (3 vasten in een steek) moet die komen in de steek VOOR het begin van de mouw en direct NA de mouw.
Je kunt deze instructies volgen: maar pas het jasje wel steeds aan het beertje terwijl je haakt.
Toer 2: 5 vasten (voorkant), 3 vasten in de volgende steek (=raglan), 3 vasten (eerste mouw), 3 vasten in de volgende steek, 6 vasten (achterkant), 3 vasten in de volgende steek, 3 vasten (tweede mouw), 3 vasten in de volgende steek, 5 vasten (voorkant) [34]
Toer 3: 6 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 5 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 8 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 5 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 6 vasten [42]
Toer 4: 7 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 7 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 10 vasten, (3 vasten in de volgende steek, 7 vasten) x 2 [50]
Toer 5: 8 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 9 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 12 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 9 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 8 vasten [58]
Toer 6: 9 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 11 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 14 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 11 vasten, 3 vasten in de volgende steek, 9 vasten [66]
In de volgende toer gaan we de mouwen maken. Tel of het aantal steken van de mouwen genoeg is voor je. Als het niet genoeg is (als de mouw niet om de arm van het beertje past) haak je nog een aantal toeren door zoals hier boven. Als er al veel te veel steken zijn, haal je één of meerdere toeren uit.
Toer 7: 10 vasten (voorkant): dan de eerste mouw: ga verder in dezelfde richting: 15 vasten, losse, keer om, haak 4 toeren lang 15 vasten. Vouw de mouw dubbel en maak de randen aan elkaar met halve vasten. Hecht niet af. Ga verder met haken langs de steken van Toer 6: 16 vasten (achterkant), haak de tweede mouw: ga verder in dezelfde richting: 15 vasten, losse, keer om, haak 4 toeren lang 15 vasten. Vouw ook die mouw dubbel en maak de randen aan elkaar met halve vasten. Hecht niet af. Ga weer verder langs de steken van Toer 6: 10 vasten (voorkant). Nu zijn de mouwen klaar, zonder extra knoopjes of draadjes.
Toer 8: 10 vasten, 2 vasten in de volgende steek (onder de mouw), 16 vasten, 2 vasten in de volgende steek (onder de mouw), 10 vasten [40]
Toer 9-14: vaste in elke steek [40]
Hecht af en werk de draadjes weg.
Capuchon
Maak blauw garen vast aan de vijfde steek aan de bovenkant van de jas (waar je wilt dat de capuchon begint), haak 18 steken (of een ander aantal steken langs de bovenkant), het belangrijkste is dat je steeds dezelfde hoeveelheid steken hebt aan de andere kant om de overslag van de jas te kunnen maken, haak 1 losse, keer om. Haak toeren van 18 vasten (tot de capuchon 16 toeren heeft). Vouw de bovenrand van de capuchon dubbel en maak de randen met halve vasten dicht vanaf de verkeerde kant. Hecht af en werk de draadjes weg.
Sluiting
Maak 2 lusjes aan de ene kant van de jas tussen toer 7 en 8 en tussen toer 10 en 11. Gebruik 9 lossen per lusje.
Naai vervolgens twee knoopjes of kraaltjes aan de andere kant van de jas.

Andere Scandistyle haakpatronen



Creatieve, enthousiaste en lieve Iris van Meer is het gezicht achter Een Mooi Gebaar en vertaalt, ontwerpt en deelt meer dan duizend haakpatronen met jullie op dit stukje internet.
Mijn verhaal, over hoe ik van onhandige knutselaar toch nog creatieve ondernemer ben geworden, lees je hier: Mijn Verhaal
Als je contact met Iris wil opnemen, ga je naar de contactpagina

