Kussenhoes maken - Gratis haakpatroon

Stekenuitleg

  • Losse: sla de draad om en haal door het lusje op de haaknaald.
  • Vaste: steek de naald onder beide lusjes van de aangegeven steek, sla je de draad om de naald en trek de naald en het draadje terug door de steek. Je hebt nu twee lusjes op je haaknaald. Sla de draad opnieuw om de naald en trek deze door beide lusjes op je haaknaald. Je hebt nu ÊÊn vaste gemaakt.

Gratis haakpatroon - Recyclen - Kussenhoes maken

Attic24 ontwerpt schitterende haakpatronen, waaronder deze kussenhoes. Op deze website vind je Nederlandse vertalingen van de Engelse haakpatronen, uiteraard altijd met toestemming. 

📋 Patroon Kenmerken

đŸŽ¯Wat maak je?Kussen
đŸŒŋThemaRegenboog
🎨KleurMeer dan 3 kleuren

Voor een overzicht van alle Attic24 vertalingen klik hier.

Een hand houdt de fuchsia achterkant van een kussen vast, met een lichtblauwe knoopsluiting en gekleurde knoopjes.

Dit is de tutorial voor mijn manier van het hergebruiken van een wollen trui om de achterkant van een kussenhoes te maken. 

Een kussen met granny squares en een fuchsia rand ligt op een deken met regenboogkleurige zigzagstrepen.

Ik hou van gehaakte kussenhoezen, echt! Het is een vrij eenvoudig project dat niet zoveel tijd of garen kost. Toch is het jammer om een achterkant te haken als je de voorkant al af hebt. Het kost dan voor je gevoel teveel tijd om ook de achterkant te maken. Daarom heb ik hier een alternatief: het maken van een achterkant van een kussenhoes van een oude trui. Nu maak ik al mijn kussenhoezen op deze manier.

Een fuchsia wollen trui ligt plat met daarop een gehaakt lapje van kleurige granny squares en een oranje schaar.

Eerst een paar algemene opmerkingen over kussens en truien. Ik hou van ruime kussenhoezen, dus mijn kussens passen over een standaard 45 centimeter breed vierkant kussen. Ik kies liever voor met veren gevulde kussens dan met polyester gevuylde kussens omdat ik denk dat het fijnere kussens zijn. Maar dat is maar gewoon mijn bescheiden mening. 

Voor een kussen van dit formaat heb je ook een trui nodig van redelijk formaat:: geen inimini wolletjes. Kijk naar UK maat 14 of groter om een kussen van dit formaat te kunnen maken. De trui hierboven had een label met maat 12/14 en dat was de perfecte maat. En, meestal kun je (niet altijd) twee kussenachterkanten maken van dit formaat trui door de mouwen Ên de achterkant Ên de voorkant te gebruiken. 

Ik probeer ook natuurlijke materialen te kiezen die aansluiten bij het gehaakte stuk van de trui. Ik maakte het kussen met pure wol en zocht dus ook een trui met pure wol. Mijn katoen hoesjes hebben katoen en truien als achterkant. 

De fuchsia trui is uit elkaar geknipt: losse mouwen, lijf en halsboord, met de schaar en draadresten ernaast.

Om te beginnen moet je de trui uit elkaar halen. 

Snijd de armen van het lijf af en haal dan de ribbels eraf bij de nek (die kun je weggooien). Je hebt dan 4 stukken plat materiaal. 

Nu heb je voor elk kussen 2 vierkanten nodig om een envelop-stijl achterkant te kunnen maken. Het grotere vierkant gaat van de achterkant/voorkant van de trui af en het kleinere vierkant van ÊÊn van de mouwen. 

Je achterkant moet ongeveer een centimeter of 2 groter zijn dan je haakwerk, overal rondom :: dus in dit geval voor een 45 centimeter kussen vierkant, wil je een 48-49 centimeter vierkant hebben voor de achterkant. 

Uit het fuchsia lijf van de trui is een rechthoek geknipt met de boordrand onderaan; de rest ligt erboven.

Begin met de voorkant of de achterkant van de trui

Gebruik de onderkant ribbels als je beginpunt en meet en knip een vierkant dat 48 cm breed is langs de onderrand en 35,5 cm hoog is, zoals op de foto hierboven. 

Uit de opengeknipte fuchsia mouw is een rechthoek geknipt, met de manchet en de restdelen eromheen.

Nu de mouw... open 'm en knip een vierkant dat ongeveer 48 cm breed is en 20 cm hoog (of zo hoog als je 'm kunt krijgen, afhankelijk van de breedte van de mouw), zoals in de foto hierboven. 

De twee fuchsia rechthoeken overlappen elkaar met de boordrand in het midden, vastgespeld naast een rolmaat.

Zorg dat je de rehte kanten boven hebt liggen, leg eerst de kleine rechthoek neer. Plaats dan je grotere rechthoek erop (met de ribbels boven), laat het zo'n 10 cm oversteken (of minder als je kleine rechthoek korter is). 

Hoeveel je overlap ook is, je moet er voor zorgen dat je uiteindelijke afmeting klopt :: in dit geval dus 48 cm samen. 

Close-up van de overlap: de geribbelde boord is met spelden op de fuchsia stof gezet, met een gele rolmaat eronder.

Speld het vast (of gebruik daar een andere manier voor), zoals boven. 

Vingers tonen de rand van de fuchsia stof, die met een zigzagsteek is afgewerkt tegen rafelen.

De volgende stap is om ervoor te zorgen dat je minder rafels krijgt. Ik gebruik de naaimachine om een zig zag steek om alle vier de zijdes van het vierkant te maken. Op het punt waar beide lagen op elkaar liggen zigzag je door beide lagen, waardoor ze goed samen komen. Maak je niet teveel zorgen over hoe netjes het wordt... het zorgt er gewoon voor dat de wollen uiteindes niet gaan uitrafelen met de tijd, maar dit zie je verder niet. 

Het lapje granny squares ligt met spelden op de fuchsia stof, met een smalle rand eromheen.

Je naait het haakwerk met de goede zijdes van beiden tegen elkaar. 

Leg de trui neer met de goede kant naar boven. 

Leg je haakwerk erop met de verkeerde kant naar boven. 

Speld het vast, maar laat een centimeter over langs de rand, rek het haakwerk een beetje op als dat nodig is (zie foto boven). 

Een hand naait met stopnaald en fuchsia garen door de steken van de gehaakte rand en de stof.

Nu ga je met de hand naaien:: gebruik een stopnaald en kies garen wat bij de trui kleur past. Maak het garen vast in een onderhoekje en naai dan van rechts naar links, maak kleine bovenhandse steekjes door de lus van elke gehaakte steek (zie boven).

De stopnaald met fuchsia garen naait het gehaakte lapje vast langs de zigzagrand van de trui.

Maak de steken zo netjes en recht als je kan, onthoud dat je het haakwerk zo'n centimeter van de zigzag rand afhoudt. 

Ik probeer het woord "handgemaakt" in gedachten te houden als ik bezig ben. Het hoeft niet perfect te zijn. Zolang het ongeveer recht is en je de meeste lusjes meepakt zonder gaten er tussen zal het er prima uit zien. 

Als je bij t stuk komt waar de overlap zit, moet je door beide lagen van de trui heen naaien. Naai helemaal rond de vier zijdes tot je terug bent waar je begon. 

Een hoek van de omgekeerde hoes: een blauw granny square met lichtblauw hart, met een bol fuchsia garen erachter.

Nu kun je de hoes binnenste buiten doen, zodat de goede kanten weer naar buiten liggen. Duw de hoekjes goed naar buiten. Je kunt boven mijn genaaide steekjes wel zien, en het hoekje is een beetje rond, maar over het algemeen ziet het er goed uit. 

Handgemaakt, weet je nog?

Close-up van de knopenrij: een lichtblauwe gehaakte rand met knoopsgaten langs de geribbelde boord.

Goed, nu de knopenrij nog...

Net zoals in de foto hierboven ga je direct in de geribbelde zijde van de trui haken om deze rand te maken. Niet schrikken, het is echt eenvoudig, dat beloof ik.

Vingers houden de geribbelde rand vast terwijl de haaknaald met lichtblauw garen in de trui steekt.

Kies je garen:: ik kies altijd een contrasterende kleur, maar je kunt ook gewoon de kleur van de trui kiezen als je dat leuker vindt. 

Kies je haaknaald: het is makkelijker om dit te haken met een smallere haaknaald, bijv. een 3,5 mm, omdat die wat meer puntig is aan het einde en dus makkelijker door de trui te duwen is. Het zorgt ook voor een nettere/strakkere rand als je met een kleinere haaknaaldmaat haakt. 

Ikheb helaas niet goed gefotografeerd wat ik nu doe, maar hopelijk snap je het... Steek het garen door een stopnaald en ga aan de re chterkant van de geribbelde zijde, met je naald (van de buitenkant) in de naad. Keer nu je kussenhoes binnenstebuiten en trek de naald door de kussenhoes, waar je een paar kleine steekjes kuntmaken om het draaduiteinde binenn in de naad vast te maken. Als je je hoes weer goed om keert, zou het garen bij de naad uit de kussensloop moeten komen, klaar om de rand te gaan haken, zoals op de foto hbierboven. 

Je haakt een toer vasten, je gebruikt de ribbels als gids voor hoe ver de steken uit elkaar moeten. Steek je haaknaald in de trui, zoals hierboven.... 

Lichtblauw garen ligt om de haaknaald, die door de rand van de geribbelde boord steekt.

....sla de draad om en trek de lus door de trui heen (twee lusjes op de haaknaald). Sla de draad om en haal door beide lusjes heen. Een gewone vaste dus, niks ingewikkelds. 

Een rij lichtblauwe vasten loopt langs de rand van de boord; de haaknaald staat in de volgende ribbel.

Blijf je vasten maken langs de rand, bij elke ruimte van de trui ribbel, zo dichtbij de rand als lukt. Houd je spanning vrij los, zodat het niet gaat trekken. Als je aan het einde bent, keer je 1 losse en draai je je werk. 

Aan de verkeerde kant ligt de toer lichtblauwe vasten als een rij lusjes langs de rand, met de haaknaald erboven.

Nu werk je aan de verkeerde kant, zoals boven. 

Voor je aan je tweede toer begint, heb je een klein beetje wiskunde nodig om de ruimte tussen de knoopjes te berekenen. Sorry als dit ingewikkeld over komt, ik doe m'n best het goed uit te leggen. 

Eerst tel je het aantal vasten dat je maakte in de eerste toer. Ik had er 55. Nu kies je hoeveel knoopjes je wilt. Ik gebruikte 6 x 18 mm knoopjes. 

6 knoopjes betekent 7 ruimtes, toch? (als je je hierdoor beter voelt: ik had een papiertje nodig waarop ik dit tekende om mezelf ervan te verzekeren dat het klopte). 

Dus je moet je totaal aantal steken delen door het aantal ruimtes.. In mijn geval was het 55 / 7 = 8 (naja, bijna 8, het was 7.8 en ik heb afgerond). 

Met deze berekening weet ik dat ik elke 8 steken een knoopsgat nodig heb ongeveer. 

Close-up van een groepje lichtblauwe vasten op de rand, met 2 lusjes op de haaknaald.

Werk in de steken van de vorige toer en haak 7 vasten. 

Drie lichtblauwe lossen lopen vanaf de rand omhoog, met ÊÊn lusje op de haaknaald.

3 lossen (zoals boven), dit is je knoopsgat.

Een knoopsgat: de lossen spannen als een boogje over een overgeslagen steek in de lichtblauwe rand.

Nu sla je een steek over (de 8e steek is waar je knoopje komt), zoals hierboven.

Haak 7 vasten, *3 lossen, steek overslaan, haak 7 vasten*

Herhaal vanaf * tot *, haak langs ze zijde tot je bij het einde bent, hecht af.

Je hebt nu 6 knoopsgaten, redelijk goed verdeeld.

Een stopnaald met lichtblauw garen werkt de draad weg door de naad aan het eind van de rand.

Om het af te maken werk je je draadje weg door de naad, net zoals je dat aan het begin gedaan hebt. Keer je hoes er even binnenste buiten voor om het goed onzichtbaar te doen. 

De hele fuchsia achterkant ligt plat, met een rechte rij lichtblauwe knoopsgaten boven de boord.

En daar heb je het... een nette (soort van) rij van (soort van) netjes verdeelde knoopsgaten. 

Spelden markeren een rij op de stof erboven, terwijl een hand de lichtblauwe rand met knoopsgaten optilt.

Gebruik nu een paar spelden en de knoopsgaten als gids en maak een rij markeerders om te laten zien waar de knoopjes opgenaaid moeten worden.

Een oranje en een rode knoop zitten door de lichtblauwe rand vastgenaaid op de geribbelde boord.

Naai de knoopjes stevig vast....

Zes gekleurde knoopjes op een rij langs de lichtblauwe rand: blauw, oranje, rood, groen, wit en lichtroze.

....en geniet van je uitzicht!

De achterkant van het kussen rechtop: fuchsia trui met geribbelde boord en een rij gekleurde knoopjes, tegen een gehaakte deken.

Yaaayyyyy!!!!!!!!!!!!!! Klaar!!

Was het de moeite waard? Vind je je kussensloop gaaf geworden? 

Het afgewerkte kussen van voren: kleurige granny squares met een fuchsia rand op een zigzagdeken.

Nu kun je je kussen in de hoes doen, de knoopjes dichtknopen en lekker van je kussen genieten!

Ps... Een kleine opmerking over een golf kussen... die kun je namelijk niet op dezelfde manier naaien als ik beschreven heb. Toen ik mijn ripple kussen maakte, plaatste ik simpelweg de goede kanten op elkaar en naaide ik met de machine helemaal rondom. Ik zorgde dat de naaisteken zo dicht mogelijk langs de rand van het haakwerk lagen als ik kon. Aan de twee golfzijdes, naai je over een rechte lijn en negeer je de golfjes, snap je?? Als je er niet uit komt, deel dan vooral je vraag in de leuke Een Mooi Gebaar Facebook groepspagina, link vind je hieronder:

Is het leuk geworden?

Deel je resultaat vooral in de gezellige, sociale, behulpzame Facebook groepspagina!

Klik Hier


Veelgestelde vragen

Wat is bijzonder aan deze kussenhoes?

De achterkant maak je van een gerecyclede wollen trui. De tutorial legt uit hoe je de trui knipt en aan het gehaakte voorpand zet.

Hoe groot knip ik de stukken?

Een vierkant van 48 cm breed en 35,5 cm hoog vanaf de ribbelrand, en uit de mouw een stuk van ongeveer 48 bij 20 cm. Samen moeten ze precies 48 cm hoog worden met overlap.

Hoe zet ik de stukken vast?

Naai met de hand kleine bovenhandse steekjes, en haak daarna een toer vasten in de trui, met de ribbels als gids voor de afstand.

Welke kleur garen gebruik ik?

Lucy kiest altijd een contrasterende kleur, maar de kleur van de trui kan ook.

Van wie is dit patroon?

De kussenhoes is ontworpen door Attic24 en met toestemming vertaald.

LM101487 edited

Creatieve, enthousiaste en lieve Iris van Meer is het gezicht achter Een Mooi Gebaar en vertaalt, ontwerpt en deelt meer dan duizend haakpatronen met jullie op dit stukje internet.

Mijn verhaal, over hoe ik van onhandige knutselaar toch nog creatieve ondernemer ben geworden, lees je hier: Mijn Verhaal

Als je contact met Iris wil opnemen, ga je naar de contactpagina

Lucy Attic24

Lucy is het creatieve brein achter Attic24, een van 's werelds meest geliefde haakblogs. Vanuit haar gezellige zolderkamer in het Engelse North Yorkshire ontwerpt ze de meest kleurrijke, op de natuur geïnspireerde dekens en accessoires. Haar patronen zijn ontspannend om te haken en perfect voor zowel beginners als gevorderden. Op Een Mooi Gebaar vind je de officiÃĢle Nederlandse vertalingen van haar populairste patronen en Crochet-Alongs (CALs)!