Haakproject: cirkelkleedje

//Haakproject: cirkelkleedje

Haakproject: cirkelkleedje

De babykamer heeft een felgroene wand en een donkere laminaatvloer.
Die laminaatvloer lijkt me wat koud aan de voetjes in de winter als we op blote voetjes ons kleine boontje verschonen, dus daarom wilde ik een kleedje voor op de vloer. Zoeken op internet leverde wel wat mooie alternatieven op, maar zelf maken is leuker! Daarom hierbij een Nederlands patroon voor een gehaakte cirkel. Het Engelse patroon wat ik volgde klopte maar tot regel 18, wat veel uithaalwerk inhield helaas. Het is uiteindelijk een wiskundige berekening geworden van wat ik per ronde nodig had: de eerste 11 rondes van patroon. Daarna 2 * 3.14 * de straal van de cirkel (de helft) = de omtrek. Als je berekent wat de omtrek is van je cirkel bij 11 rondes en hoeveel stokjes daarin zitten, kun je berekenen voor de volgende cirkel hoeveel stokjes er ongeveer in moeten. Meet regelmatig de straal van je cirkel en reken door, bij mij verschilde het nogal eens. Vanaf ronde 11 is het dus meer een indicatie dan een wetenschap: als je zeker wilt weten dat je cirkel niet gaat golven, pak dan zelf een rekenmachine!

De kleursamenstelling kun je natuurlijk helemaal zelf bepalen en de grote van het resultaat ook. Er zijn mensen die regenbogen maken, ik heb ervoor gekozen om meerdere tinten van dezelfde kleur te gebruiken. Mijn patroon loopt van lichtste kleur (1) naar donkerste kleur (5) op de volgende manier: 1,2,3,4,5,4,3,2,1,2,3,4,5,4,3,2,1, etc. Kleuren 1 en 5 komen dus het minste voor. Ik heb van kleur 1 en 5 bijna twee bolletjes gebruikt, van de overige kleuren bijna drie bolletjes a 50 gram. De kleur tussen haakjes bij elke ronde is de kleur die dan aan de beurt is. Dit werkt dus alleen als je ook 5 kleuren gebruikt in dezelfde volgorde! Anders mag je de nummering tussen haakjes gewoon negeren.

Ik raad je aan om te eindigen met een rij waarin niet gemeerderd is, de rijen waarin gemeerderd is hebben namelijk een rommeligere rand. Je kunt eventueel een versiering aanbrengen aan de buitenste rand. Ik raad je tevens aan om na elke ronde de uiteinden weg te ‘weven’ in de buitenste rand van je werk: op die manier veranker je de losse uiteindjes meteen bij de volgende ronde die je haakt. Ik ben geëindigt met een shell edging rand, de uitleg daarvoor en voor vier andere sierrandjes vind je hier.

Je kunt het patroon met elke gewenste maat, materiaal en haaknaald maken. Ik geef hieronder een indicatie van wat ik zelf gebruikt heb, maar gebruik vooral je fantasie! Ik heb er voor gekozen om (bio) katoen te gebruiken, omdat het een vloerkleedje wordt en ik verwacht dat katoen wat steviger is dan wol onder je voeten.

De dingen die je moet kennen/kunnen voor dit patroon: magische ring, lossen (l), halve vasten (hv) en stokjes (stk).

Kosten: +/- €30,=
Materiaal: haaknaald maat 3mm, 10 bolletjes van 50 gram, te haken met naald 3 of 4, schaar, eventueel meetlint als je wilt kunnen meten hoe groot je resultaat.
Moeilijkheidsgraad: beginner/gemiddeld
Tijd: rij 1-17: ongeveer 5 uur; rij 1-20: ongeveer 6.5 uur; daarna exponentieel langer per rij. Totaal ongeveer 25 uur.

Materiaal

Patroon

Ronde 1 (1): Je begint met een magic ring, drie losse (telt als eerste stokje), een stokje, een losse. Daarna vijf keer twee stokjes met een losse ertussen zodat je in totaal zes groepjes van twee stokjes hebt. Maak de ronde af door een halve vaste te maken in de derde losse die je als eerste gemaakt hebt. Trek de magic ring dicht!

Ronde 2 (2): Deze ronde ga je meerderen. Hecht een nieuwe kleur aan in een ‘gat’ gemaakt door de lossen tussen de stokjes van de vorige ronde. Drie losse (telt als eerste stokje), een stokje, een losse, twee stokjes in hetzelfde gat, een losse, twee stokjes in het volgende gat, een losse, twee stokjes in hetzelfde gat als de vorige twee stokjes, tot je in elk gat van de vorige ronde twee groepjes van twee stokjes hebt. Je hebt dan 24 stokjes in totaal. Maak de ronde af door een halve vaste te maken in de derde losse die je als eerste gemaakt hebt. Weef de uiteindjes van beide rondes weg.

Ronde 3 & 4 (3 & 4): Deze rondes meerder je niet. Hecht een nieuwe kleur aan in een ‘gat’ gemaakt door de lossen tussen de stokjes.  Drie losse (telt als eerste stokje), twee stokjes, een losse, drie stokjes, een losse, drie stokjes. Herhaal dit rondom totdat je twaalf groepjes van drie stokjes hebt in de twaalf gaten van de vorige ronde (36 stokjes per ronde). Maak de ronde af door een halve vaste te maken in de derde losse die je als eerste gemaakt hebt. Werk de uiteindjes van beide rondes weg.

Ronde 5 (5): Deze ronde ga je meerderen. Je hecht weer een nieuwe kleur aan in een gat gemaakt door de lossen tussen de stokjes in de vorige ronde. Drie losse (telt als eerste stokje), twee stokjes en dan een losse en drie stokjes in hetzelfde gat. Daarna een losse, drie stokjes, een losse en drie stokjes in het volgende gat. Herhaal dit totdat je rond bent.  Je hebt dan 24 keer drie stokjes (72 stokjes in deze ronde). Maak de ronde af door een halve vaste te maken in de derde losse die je als eerste gemaakt hebt. Werk de uiteindjes van deze ronde weg.

Ronde 6 & 7 (4 & 3): Deze rondes meerder je niet. Je doet hetzelfde als in ronde 3 & 4. (24 keer 3 stokjes per ronde)

Ronde 8 (2): Deze ronde meerder je weer wel, maar alleen in elk tweede gat. Je doet dus drie stokjes in het ene gat en dan drie stokjes + 1 losse + drie stokjes in het volgende gat. Je hebt 36 keer drie stokjes aan het eind van deze ronde. Maak de ronde af door een halve vaste te maken in de derde losse die je als eerste gemaakt hebt. Werk de uiteindjes van deze ronde weg.

Cirkelkleed1-8

Ronde 9 & 10 & 11 (1 & 2 & 3): Deze rondes meerder je niet. Je doet hetzelfde als in rondes 3 & 4. (36 keer 3 stokjes per ronde)

Ronde 12 (4): Deze ronde meerder je weer wel, maar alleen in elk derde gat. Je doet dus drie stokjes in het ene gat, dan een losse, dan drie stokjes in het volgende gat, dan een losse, dan drie stokjes + een losse + drie stokjes in het volgende gat, etc. Je hebt 48 keer drie stokjes aan het eind van deze ronde. Cirkelkleed1-12

Ronde 13 & 14 & 15 (5 & 4 & 3): Deze ronde meerder je niet. Je doet hetzelfde als in ronde 3 & 4. (48 keer 3 stokjes per ronde).

Ronde 16 (2): Herhaal ronde 12, meerder dus op elk derde gat. Je hebt 64 keer drie stokjes aan het eind van deze ronde.

Cirkelkleed1-16

Rij 17 & 18 & 19 (1 & 2 & 3): Deze rondes meerder je niet, je herhaalt rondes 3 & 4. Je hebt dus 64 keer drie stokjes aan het eind van deze ronde. Mijn cirkel was hier ongeveer 32 cm groot.

Cirkelkleed1-19

Rij 20 (4): Deze ronde meerder je weer, maar anders dan hiervoor. Je voegt in totaal vier keer drie stokjes toe, verdeeld over de 64 clusters van de vorige ronde, dus in het tweede gat, het 18e gat, het 33e gat, en het 50e gat. (Je hebt hier 68 keer drie stokjes).

Rij 21 (5): Deze ronde meerder je niet. (Je hebt hier 68 keer drie stokjes)

Rij 22 (4): Deze ronde meerder je in totaal 6 keer. Meerder, 10 clusters, meerder, 11 clusters, meerder, 10 clusters, meerder, 10 clusters, meerder, 11 clusters, meerder, 10 clusters, halve vaste aan de eerste ketting van drie losse. (Je hebt hier 74 keer drie stokjes).

Rij 23 (3): Deze ronde meerder je niet. (Je hebt hier 74 keer drie stokjes).

Rij 24 (2): Deze rij meerder je in totaal 10 keer, netjes verdeeld over de rand. Je krijgt dan meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, meerder, acht keer cluster drie stokjes, meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, meerder, acht keer cluster drie stokjes, meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, meerder, 6 keer cluster 3 stokjes, halve vaste aan de eerste ketting van drie losse. (84 clusters in totaal).

Rij 25 (1): Deze ronde meerder je niet. (84 clusters van drie stokjes).

Rij 26 (2): Deze ronder meerder je zes keer. In het 2e, 16e, 30e, 44e, 58e, 62e gat, dus elk veertiende gat. Je hebt aan het eind van de ronde 90 clusters van drie stokjes.

Rij 27 (3): Deze ronde meerder je niet. (90 clusters van drie stokjes).

Rij 28 (4): Deze ronde meerder je elk 15e gat (96 clusters van drie stokjes).

Rij 29 & 30 (5 & 4): Deze rondes meerder je niet. 

Rij 31 (3): Deze rij vermeerder je 4 keer, elk 24e cluster (100 clusters van 3 stokjes).

Rij 32 (2): Deze ronde meerder je niet (100 clusters van 3 stokjes).

Rij 33 (1): Deze ronde meerder je elke 10 stokjes, dus 10 keer (110 clusters van 3 stokjes).

Rij 34 (2): Deze ronde vermeerder je niet (110 clusters van 3 stokjes).

Rij 35 (3): Je vermeerdert in deze ronde 5 keer, dus om de 22 clusters van drie stokjes, totdat je 115 clusters van drie stokjes hebt.

Rij 36 (4): Deze ronde vermeerder je niet (110 clusters van 3 stokjes).

Rij 37 (5): Deze ronde vermeerder je 5 keer, dus om de 23 clusters van drie stokjes, totdat je 120 clusters van drie stokjes hebt.

Rij 38 (4): Deze ronde vermeerder je niet (120 clusters van drie stokjes).

Rij 39 (3): Deze ronde vermeerder je acht keer. 120 / 8 = 15. Elk vijftien gat krijg je twee clusters van drie stokjes. (128 clusters van drie stokjes).

Rij 40 (2): Deze ronde vermeerder je niet (128 clusters van drie stokjes).

Rij 41 (1): Deze ronde vermeerder je niet (128 clusters van drie stokjes).

Rij 42 (2): Deze ronde vermeerder je niet (128 clusters van drie stokjes).

Rij 43 (3): Deze ronder vermeerder je weer acht keer. Elk zestiende gat krijgt twee clusters van drie stokjes (136 clusters van drie stokjes).

Rij 44 (4): Deze ronde vermeerder je niet (136 clusters van drie stokjes).

Rij 45 (5): Deze ronde vermeerder je niet (136 clusters van drie stokjes).

Rij 46 (4): Deze ronde vermeerder je weer 8 keer. 136 / 8 = 17. Elk zeventiende gat krijgt twee clusters van drie stokjes (144 clusters van drie stokjes).

Rij 47 (3): Deze ronde vermeerder je niet (144 clusters van drie stokjes).

Rij 48 (2): Deze ronde vermeerder je niet (144 clusters van drie stokjes). 

Rij 49 (1): Deze ronde vermeerder je niet (144 clusters van drie stokjes).

Rij 50 (2): Deze ronde vermeerder je weer 8 keer. 144 / 8 = 15. Elk achttiende gat krijgt twee clusters van drie stokjes (152 clusters van drie stokjes).  

Rij 51 (3): Deze ronde vermeerder je niet (152 clusters van drie stokjes).

Rij 52 (4): Deze ronde vermeerder je niet (152 clusters van drie stokjes).

Rij 53 (5): Deze ronde vermeerder je niet (152 clusters van drie stokjes).

Rij 54 (4): Deze ronde vermeerder je weer, 16 keer in totaal. 152/16=9,5 dus de ene keer in het tiende gat, de andere keer in het negende gat twee clusters van drie stokjes (168 clusters van drie stokjes.

Rij 55 (3): Deze ronde vermeerder je niet (168 clusters van drie stokjes).

Rij 56 (2): Deze ronde vermeerder je niet (168 clusters van drie stokjes).

Rij 57 (1): Deze ronde vermeerder je in totaal 12 clusters van drie stokjes. 168 / 12 = 14, dus elk 14e gat krijgt twee clusters van drie stokjes (180 clusters van drie stokjes).

Rij 58 (2): Deze ronde vermeerder je niet (180 clusters van drie stokjes).

Rij 59 (3): Deze ronde vermeerder je niet (180 clusters van drie stokjes).

Rij 60 (4): Deze ronde vermeerder je niet (180 clusters van drie stokjes).

Rij 61 (5): Deze ronde maak je halve stokjes als basis voor je shell edging. Die maak je in elk gat én tussen alle stokjes in.

Rij 62 (5): Deze rand maak je de shell edging.  Daarvoor maak je één losse, slaat één half stokje over, doet 5 hele stokjes in het volgende gat, slaat 1 half stokje over, doet één half stokje in het volgende gat, sla één half stokje over, doet 5 hele stokjes in het volgende gat, etc. Totdat je de hele rand rond bent.   

 

By |2015-07-19T18:28:30+00:00juni 25th, 2015|Knutselprojectjes|0 Comments

About the Author:

Leave A Comment