In dit verhaal lees je het verloop van de zwangerschap en geboorte van Lena. Gewoon, zoals ik ‘m ervaren heb. Het verhaal van grote zus Vera vind je hier, en van kleine broer Alex hier.

Snel zwanger

Als Vera zeven maanden is, worden we opnieuw zwanger. Heel gewenst en welkom, maar we hadden niet direct verwacht dat het ook zo snel zou lukken: ik had pas één periode gehad en ik gaf nog volop, dag en nacht, vaker dan elke 3 uur borstvoeding. Voor Vera hadden we 8 maanden goed getimed ons best gedaan. We weten natuurlijk wel dat het zou kunnen en zijn dan ook super gelukkig. Het is wel een drukke periode: we verkopen onze woning in Den Haag na een flinke opknapbeurt, we kopen een nog-te-bouwen nieuwbouwwoning in Culemborg waar we heel veel keuzes voor moeten maken en waar flink in geklust moet worden en we wonen tussen beide woningen in bij mijn ouders in Hilversum voor drie maanden. Daarnaast hebben we een vrolijke, gezellige, leergierige, maar moeilijk slapende dreumes. Best een hele hectische tijd!

Onrustige zwangerschap

Niet zo vreemd dus, dat ook de zwangerschap onrustig verloopt. Met de positieve test in handen wisten we al dat we naar Culemborg zouden gaan, dus zoeken we daar naar een fijne verloskundige. Niet zo moeilijk, want de achterwacht bij de bevalling van Vera was een holistische verloskundige uit, jawel, Culemborg. Naam en gegevens hebben we dus al, we hadden haar alleen nog nooit ontmoet. De ontmoetingen zijn super fijn, echt een moment van rust en aandacht voor dat groeiende kindje in m’n buik, wat er verder maar steeds bij in lijkt te schieten. Na een week of 16 in de zwangerschap begin ik harde buiken te krijgen, die met 18 weken zo regelmatig zijn, dat het me zorgen baart. Na een vaginaal toucher blijkt daarnaast ook nog eens dat mijn baarmoedermond helemaal zacht was. Geen ramp op zich, maar ook niet perse een heel goed teken. Bij sommige vrouwen is ie standaard zacht, ook in een zwangerschap, maar daar heb ik tijdens Vera’s zwangerschap nooit op gelet, dus ik weet niet of het bij “normaal” is of niet. Gelukkig blijkt uit de inwendige echo wel dat mijn baarmoedermond nog lang genoeg is en dat ik er geen ontsluiting is, maar zorgeloos is de zwangerschap daarna niet meer geworden. We spreken wekelijks met elkaar over “wat te doen als” het kindje nú geboren wordt. Ze kúnnen namelijk al heel vroeg “redden” tegenwoordig, maar wat voor kwaliteit van leven het kindje dan zou krijgen…. Geen leuke gesprekken, maar wel heel belangrijk om te voeren.

Aanhoudende harde buiken

De rest van de zwangerschap heb ik veel last van die vervelende harde buiken. Ik heb er meestal meer dan 10 per uur, soms zit er nauwelijks tijd tussen de één en de ander. Ik mis daarom onwijs het contact met het kindje in mijn buik: door een harde buik heen kan ik dat niet voelen. Ik heb bovendien sterk het gevoel het kindje geen fijne start te geven: wat is er zo naar in die buik dat het steeds zo gespannen moet zijn? Waarom kunnen we niet gewoon samen stralend zwanger zijn? We proberen verschillende slaaphoudingen, bewegingen, oefeningen en therapieën, maar uiteindelijk hebben we helaas niet de knop gevonden die nodig was om het babietje (en mezelf) een fijnere zwangerschap te geven. De baby groeit wel goed, de hartslag is steeds prima, mijn bloeddruk mooi laag en ik kom gedurende de zwangerschap gestaag 25 kilo aan. Toch wordt veel rust geadviseerd, een advies wat in alle verhuishectiek én met een dreumes 24/7 thuis, moeilijk op te volgen is.

Stuit

Het verbaast me ergens niks dat dit kleine, gespannen wezentje in mijn buik, ook een lekkere vreemde houding aanneemt. Het babietje ligt vanaf een week of 28 in stuit. In week 34 ongeveer vinden we dat niet zo leuk meer, in week 35 hebben we met bestelde moxa-sticks een aantal avonden het huis zitten doorroken 😉 Bij moxatherapie gebruik je een soort hele dikke sigaren, lijkt een beetje op wierook, die je op een heel specifiek punt naast je kleine tenen houdt. Daar loopt een energiebaan, volgens de accupuncturisten, die in relatie staat tot je baarmoeder. Door die energiebaan te stimuleren, kun je een kindje uitnodigen om gunstiger te gaan liggen. Voor de precieze uitleg schrijf ik ooit nog een keer een blog, maar het werkte! De eerste en tweede avond reageerde het kleine minimensje in mijn buik heel druk op de moxa en bij de volgende afspraak bleek de ligging gunstiger te zijn: met het koppie naar beneden.

Laatste loodjes

De laatste weken van de zwangerschap in december zijn eigenlijk het fijnst. Ik durf weer te bewegen zonder angst voor een nieuwe vroeggeboorte. Vera was immers met 36 weken, na een hele rustige zwangerschap, geboren, dus we denken nu vanaf week 18 al dat dit kindje zéker eerder komt. Vanaf een week of 36 durf ik weer lekker te gaan wandelen, eropuit te gaan en kunnen de harde buiken me wat minder schelen. Ze blijven vervelend, maar de angst is er een beetje af. We vieren een rustige Sint, Kerst en Oudjaar-periode en cocoonen in ons verse huis. Soms is het lastig om deze rustige dagen niet weer meteen te vullen met alle klusjes die nog moeten, we leven immers ineens in “reservetijd” voor ons gevoel.

 

Gebroken vliezen

Twee dagen voor de uitgerekende datum ben ik Vera aan het voeden in haar kamertje. Daar lag toen nog een tweepersoonsmatras op de grond naast haar ledikant, omdat ze vaak zo onrustig sliep. Het naar-bed-gaan-ritueel is een zeer strakke opeenvolging van handelingen waar, als je een beetje afwijkt, direct het niet-slapen-resultaat van te merken is. Het is dus even onwijs spannend als ik ineens mijn vliezen voel breken, rond 19 uur, net op het cruciale moment voor het Vera in bed leggen 😉 Het voelt alsof ik uit mijn broek scheur, maar dan hoog bovenin m’n buik. Er is meteen geen twijfel over mogelijk: de bevalling is begonnen! Gelukkig kan ik Vera netjes in bed parkeren en beneden Roel verassen die staat af te wassen: we krijgen een kindje! Met een stapel handdoeken tussen m’n benen hups ik vervolgens naar de buren: zij vangen Vera op als de bevalling komt en ik wil ze vast vertellen dat het zo ver zou kunnen zijn!

Eerste weeën 

Rond 21 uur krijg ik de eerste weeën. We ruimen beneden een beetje op, bellen de verloskundige en de kraamzorg en zijn vooral vol blijde energie en verwachting. De bevalling van Vera was zo fijn, we kijken uit naar dit nieuwe avontuur. Het bad staat al een paar weken opgeblazen klaar, dus dat kunnen we boven gaan vullen. Vera wordt wakker rond 22 uur, drinkt nog even aan de borst, waarna mijn weeën een stuk heftiger worden. Ik maak bovenstaande foto van dit zeldzame twilight-moment tussen mama-van-één naar mama-van-twee-kindjes. Roel brengt Vera vervolgens naar de buren toe, waar ze gelukkig en geheel tegen verwachting in goed gaat slapen in het familiebed tot de volgende ochtend 7 uur.

Weinig warm water

Ik loop een beetje rond, maar heb het al snel koud en ga in het nog halflege bad gaan zitten. Het bad vullen duurt lang en gaat gepaard met veel gedoe: ons leuke eco-vriendelijke huis heeft slechts een warmwater vat van 90 liter, een bevalbad heeft een capaciteit van zo’n 625 liter… Het duurt ongeveer 1,5 uur voor het vat weer vol zit met warm water, dus Roel loopt de hele avond heen en weer met pannen kokend water op de trap. Niet zo relaxed, hadden we van te voren iets op moeten verzinnen, maar helaas…

Vlotte vooruitgang

Als de weeën zo’n 3-4 minuten uit elkaar komen, bellen we opnieuw de verloskundige en vragen haar om langs te komen. Als ze er is rond middernacht, begint ze meteen met kruiken warm maken, kleertjes eromheen, ze vraagt waar de camera ligt en ik krijg dus gevoelsmatig bevestiging dat we al heel ver gevorderd zijn. Ik vind de weeën nog steeds goed te doen en ben vol goede hoop dat het kindje in m’n buik zich snel zal laten zien. Ik zit goed in m’n bubbeltje, al vind ik het jammer dat het bad nog niet vol is. Marieke’s aanwezigheid is prettig op de achtergrond en Roel is ook weer een grote steun, op de momenten dat hij niet heen en weer loopt met kokend water.

Persdrang

Ergens tussen 12 en 1 krijg ik persdrang. Het hele verloop van de bevalling is zo vergelijkbaar tot nu toe met die van Vera, dat ik er het volste vertrouwen in heb dat we ons wondertje binnen een uurtje in handen hebben. Na een tijd persen lijkt er echter niets te veranderen, wat ik gek vind bij een tweede. Bij Vera waren we er vanaf dit punt zó, en ondanks dat die met 36 weken geboren werd, verwacht ik niet dat het deze keer ineens veel langer duurt. Het doet ook op een andere manier zeer, het schiet voor m’n gevoel niet op en ik schiet in m’n hoofd in plaats van in m’n lijf. Marieke geeft me een aantal homeopatische middelen om aan te snuffelen en vraagt dan na een tijdje of ze me zal toucheren. We hebben in principe afgesproken dat ze dat niet zou doen, maar omdat ik het zelf ook gek vind dat er niks gebeurt, vind ik het een goed idee.

Sterrenkijker

Bij het toucheren blijken twee dingen: ik heb pas 3 centimeter ontsluiting én ons wondertje ligt met het gezichtje niet helemaal optimaal gedraaid. Daardoor doen de weeën ook niet zoveel: ze drukken de kin op de borst in plaats van de baarmoedermond open. Dat persgevoel dat ik heb, is dus nog niet de persdrang die komt bij volledige ontsluiting. Godzijdank zegt de verloskundige over de ontsluiting alleen maar “dat ik nog een stukje moet openen”. In mijn hoofd vertaal ik dit als dat ik op 8 of 9 centimeter zit en er dus alsnog bijna ben. Heel erg fijn dat ze dat getal 3 niet heeft laten horen, want dan was ik echt in de paniek geschoten: het was al zo lang zo heftig met gevoelsmatig zo weinig pauze! Op de klok valt dit overigens mee, maar voor m’n gevoel duurt deze fase echt uuuuren.

Beweging

Na een tijdje wil ik uit bad, naar de wc en moet ik ook spugen. Daar word ik even heel hoopvol van: Vera was na het spugen na een half uur ofzo geboren. Helaas is dat bij dit kindje niet zo. Ik ril uit het bad, ga even op bed liggen maar kan ook daar m’n draai absoluut niet vinden. Weer terug naar het bad dan maar. Ik kom in een onwijze blokkade te zitten en verlies bijna het vertrouwen in het proces. De rust van Marieke en Roel geven me dat vertrouwen wel weer enigszins terug, maar ik besluit in mijn eigen hoofd dat als het licht wordt buiten, dat ik dan toch naar het ziekenhuis wil. Niet omdat ik het zelf wil, maar omdat ik het gevoel heb dat ik er zonder hulp niet uit ga komen. Dat werkt natuurlijk weer niet mee in het proces…

Ik baal en vloek en schreeuw en huil: Vera’s bevalling was zo vredig en deze zwangerschap was al zo stom en nou is de bevalling ook nog stom: wat doe ik dit kind aan! Tijdens de hele bevalling is het kindje óók weer niet te voelen, net als tijdens de zwangerschap en daar baal ik ook van. Een onwijs negatieve mindset alles bij elkaar genomen, niet het ontspannen bubbeltje waar ik zo op gehoopt had. Een tweede keer toucheren wijst ook uit dat de beweging tot nu toe nog niet zoveel zin gehad heeft: de ontsluiting is niet verder gevorderd. Gelukkig laat de verloskundige me dit niet weten: ik heb zelf ook wel door dat het niet opschiet en hoef daar geen bevestiging van….

Traplopen

Uiteindelijk stelt Marieke voor om trap te lopen. Dat wil sterrenkijkertjes nog wel eens helpen om goed te gaan liggen, door de kantelende draaiende beweging van het bekken kunnen ze dan beter zakken. Ik verklaar haar stilletjes voor gek: ik heb gevoelsmatig nog maar 3 seconden tussen weeën, ze zijn zo heftig, het is koud op de gang, waarom zou ik mezelf dat aan willen doen? Tegelijkertijd denk ik: als ik straks toch naar het ziekenhuis moet, moet ik ook van de trap af, dus laten we dit dan maar eerst proberen. Ik schuifel, in badjas, ondersteund door Roel en Marieke de gang op. Ze zijn lief en zacht voor me, maar ik ben vooral boos en opstandig en heb daarover dan meteen weer een schuldgevoel naar het kindje toe; een wervelwind aan emoties in m’n hoofd en veel frustratie in m’n lijf. Ik kan in de gang, op de trap naar zolder steeds 3 treden op en moet dan weer naar beneden om de volgende wee op te vangen. Hangend aan de mini-balustrade vang ik dan een wee op en daarna weer een klein beetje traplopen.

Geboren!

En dan ineens gebeurt het: ons kleine tweede kindje draait! Ik voel in me ineens in drie stukken een draai en spreek dit uit. Het voorstel om terug naar het bad te gaan sla ik af: dat redden we niet meer gevoelsmatig. Het wordt het bed en daar wordt, half op m’n zij half op m’n rug liggend, ineens toch nog heel snel, onze lieve kleine tweede dochter geboren, rond 4 uur ’s ochtends. Ze komt gelijk bij me op de borst liggen en ligt binnen een halfuur te drinken. De placenta komt ook redelijk snel en na een tijd knippen we de navelstreng door. Ze krijgt een zelfgehaakte navelveter om. We noemen haar Lena.

Vera

De kraamzorg komt net na de geboorte binnen en begint meteen met opruimen en schoonmaken. Zelf heb ik eigenlijk niets door van het verschonen van het bed, het opruimen van het bad en allerlei andere klusjes die gedaan worden. Ik spoel me even af onder de douche en kruip daarna in een vers bedje met manlief en Lena. Rond 7 uur ’s ochtends staat de buurman met Vera, nog in haar slaapzak, voor de deur, om te vragen of ze al thuis kan komen. De ontmoeting tussen de zusjes is lief en zacht.

Reflectie

Ik kijk lang met gemengde gevoelens terug op de bevalling. Ik wéét dat de uitkomst heel goed is: we hebben, ondanks de ongunstige ligging, weer een gezond kindje op de wereld kunnen zetten en mama en kind zijn zonder kleerscheuren van de bevalling afgekomen. Ik weet ook dat veel reguliere verloskundigen bij de stagnerende ontsluiting, of bij de ontdekking dat het een sterrenkijker was, het ziekenhuis hadden aanbevolen. Dus rationeel gezien weet ik dat het een hele goede bevalling is geweest. Ook emotioneel was het dat grotendeels: ik heb me welkom, geliefd, warm en gewaardeerd gevoeld en heb altijd het vertrouwen gehad dat anderen vertrouwen in mij en in het baarproces hadden. Maar toch wrong er ook iets: de woede die ik voelde, de stagnatie, het niet kunnen luisteren naar mijn lijf bij de persdrang, het verdriet en de frustratie naar mezelf en naar het kindje in m’n buik… Allemaal geen gevoelens die ik met een positieve bevalling zou associeren.

Na de geboorte van Alex

Ik schrijf dit verhaal pas in 2019, als Alex net geboren is en Lena net 2 is. Doordat de geboorte van Alex ook weer zo’n stagnatie kende, ben ik beide bevallingen op een hele andere manier gaan zien. Het proces bij Alex is helend geweest voor de bevalling van Lena. Ik ben ermee in het reine gekomen dat ook woede en frustratie best een onderdeel mogen zijn van een bevalling en dat ze een les kunnen zijn voor hoe je dingen in je leven aanpakt. Of simpeler, voor hoe je bevallen aanpakt 😉