Aan elkaar haken – Vasten

////Aan elkaar haken – Vasten

Aan elkaar haken – Vasten

Er zijn veel verschillende manieren om gehaakte onderdelen aan elkaar te zetten tot één deken of ander project. Het aan elkaar haken met vasten is een simpele methode van aan elkaar zetten. Een groot voordeel van deze methode is dat je niet hoeft te naaien en dat je hele rijen of kolommen in één keer kan doen en dus weinig hoeft aan en af te hechten.

Voorkant

Je kunt de “ribbel” aan de voorkant van je werk krijgen of aan de achterkant. Voor de ribbel aan de voorkant leg je de verkeerde kanten tegen elkaar bij het aan elkaar haken van de vierkanten, voor de ribbel aan de achterkant leg je de goede kanten tegen elkaar aan als je de vierkanten aan elkaar vast zet.

 

Achterkant

 

Je moet voor je begint dus een keuze maken of je de ribbel aan de goede of verkeerde kant wilt. De goede kanten kun je herkennen doordat de V-tjes van de stekenlangs de randen duidelijk zichtbaar zijn:

…terwijl ze dat bij de verkeerde kanten niet zijn:

Om de vierkantjes aan elkaar te zetten leg je ze eerst in een mooie volgorde neer, met de goede kanten naar boven. Je kunt ze aan elkaar zetten met steekmarkeerders, zoals in onderstaande foto. In dit voorbeeld haak ik met wit garen 9 vierkantjes aan elkaar. Het witte garen is wellicht niet de mooiste kleurenkeuze, maar zorgt er wel voor dat de stappen duidelijk te volgen zijn op de foto’s.

Foto-tutorial

In dit voorbeeld komt de vastenrand aan de voorkant van het werk en liggen de vierkanten dus met de verkeerde kant tegen elkaar aan. Steek de naald dooor beide hoekruimtes heen en hecht je juiste kleur aan.

Maak een halve vaste om de draad vast te zetten.

Vaste door beide hoekruimtes heen. Je gaat nu vasten maken, door beide lusjes van beide vierkanten heen. Als je patronen niet evenveel steken hebben geeft dat niet, let dan regelmatig op of je nog parralel loopt en sla zo nodig één of een paar steken over.

Je haakt zo door tot je aan het einde van deze naad bent gekomen. Dan pak je de volgende twee vierkanten.

De laatste steek (foto boven) is een vaste in de hoekruimtes van de vierkanten waarmee je werkte. De eerstvolgende steek (foto onder) is een vaste door de hoekruimtes van de volgende twee vierkanten.

Daarna werk je door over de naad, steeds een vaste door beide lusjes van beide vierkanten heen. 

Als je weer bij de hoek bent aangekomen, pak je de volgende vierkanten, net zolang tot één hele horizontale of verticale naad gemaakt is. Aan het einde van de naad hecht je af en werk je de draadjes weg.

Vervolgens pak je de volgende rij of kolom, in dezelfde richting. Je haakt dus eerst alle verticale lijnen aan elkaar óf eerst alle horizontale lijnen. Ga daar niet mee wisselen, dan haal je jezelf meer werk op de hals en worden de naden minder strak.

Wanneer alle naden in dezelfde richting klaar zijn, kun je met de haaks daarop liggende naden gaan beginnen.

Kruisende naden

Waar de ene naad de andere kruist doe je een vaste in beide hoekruimtes van de twee vierkanten waar je bijna klaar mee bent…

…dan een halve vaste in de vaste van de kruisende naad die in beide hoekruimtes zit…

…en tot slot een vaste in volgende beide hoekruimtes in de richting waarin je werkt.

Het resultaat liegt er niet om!

 

By |2018-01-10T13:00:07+00:00september 26th, 2017|Haakencyclopedie, Haken, Knutselprojectjes|0 Comments

About the Author:

Leave A Comment